Deel artikel

Lees de hele reeks
literatuur column

Jan Donkers (1943-2026): ‘Ik heb ontzettend veel lol gehad. Wil je dat wel opschrijven?’

22 april 2026 5 min. leestijd Thomas Heerma van Voss

Afgelopen zaterdag overleed oud-journalist en radiomaker Jan Donkers, op 82-jarige leeftijd. Thomas Heerma van Voss herinnert zich de gesprekken die hij met hem voerde. ‘Zijn agenda had de afgelopen tijd slechts één woord vermeld, dag in dag uit: schrijven.’

Jan Donkers is zo’n man over wie veel waarderends valt te zeggen. Zijn schrijven: zorgvuldig en no-nonsense, soms onderkoeld geestig, meestal journalistiek van aard maar ook publiceerde hij sterke fictieverhalen. Zijn onderwerpkeuze: regelmatig vernieuwend, met nadruk op popmuziek en het later door hem bekritiseerde Amerika. Zijn stem: diep, warm, en begrijpelijkerwijs veel benut voor presentaties, audioboeken, voordrachten. Zijn radiowerk: enthousiasmerend en inhoudelijk – zoals hij zich ook buiten de opnamestudio toonde.

Afgelopen zaterdag overleed Jan Donkers. Hij was 82 jaar. Ik verkeerde in de wat onnozele veronderstelling dat hij makkelijk de negentig zou halen. Dit heeft er vast mee te maken dat ik zijn naam mijn hele leven al met vanzelfsprekende regelmaat hoor. In mijn ouderlijk huis ging het elk halfjaar weleens over Donkers. Mijn vader en hij behoorden tot dezelfde wereld: ze studeerden gelijktijdig in Amsterdam, begonnen in de jaren zestig voor dezelfde bladen te schrijven, werkten later beiden lang voor de VPRO, woonden in dezelfde buurt. Ze mochten elkaar. Kletspraatjes op straat, gesprekjes die zo vol hingen met referenties en herinneringen dat ik er als kind weinig van begreep.

Soms meende ik bij mijn vader een zweem van jaloezie te bespeuren. Dat Donkers, anders dan mijn vader zelf, ook als vijfenzestigplusser nog zo veel deed. Dat hij altijd een zekere onbevangen gretigheid bleef uitstralen.

Pas na de dood van mijn vader zocht ik zelf contact met Donkers. Voor een interviewreeks met achttien schrijvers wilde ik hem spreken. Ik mocht direct langskomen, dus daar ging ik, terug naar het Amsterdam-Zuid uit mijn jeugd, drie steile trappen op aan de Reijnier Vinkeleskade.

Van de achttien schrijvers was Donkers het relativerendst. Misschien omdat hij als enige geen romancier was geworden, zijn oeuvre bestond vrijwel geheel uit non-fictiebundels. Hij lachte hard en aanstekelijk, trok al pratend voortdurend boeken en cd’s uit de kast, kende ik die plaat al, wist ik dat hij John Lennon ooit had gesproken? De anekdotes klotsten naar buiten. “Er zijn jaren geweest dat ik voornamelijk in vliegtuigen zat en op vliegvelden rondhing”, zei hij over zijn jaren tachtig, de hoogtijdagen van de geschreven journalistiek. “Dan zat ik in Accra een reportage uit te tikken over Machu Picchu in Peru, en dan moest ik vlak erna al door naar een voetballer in Amerika. Dit is het leven, dacht ik.”

Hardop benoemde hij zijn twijfels over zijn schrijverschap. Kon hij het eigenlijk wel echt, dat schrijven? Wat had hij nog te vertellen?

Dat dacht ikzelf ook terwijl hij erover sprak. Lachend vertelde Donkers over het precieze moment waarop hij besefte dat hij nooit voluit fictie zou schrijven: hij had maanden vrij genomen om eindelijk zijn debuutroman te schrijven, er kwam maar geen leven in de woorden, en toen werd hij gebeld of hij naar Las Vegas wilde vanwege Mike Tyson, die vocht voor de wereldtitel zwaargewicht. “Twaalf seconden heb ik nog geaarzeld, niet langer. Ik vloog meteen naar Las Vegas voor een reportage.”

Het leven, inderdaad.

Afgelopen augustus verscheen mijn bundeling van die achttien interviews. Ik vroeg Donkers of hij bij de boekpresentatie weer enkele vragen wilde beantwoorden, hij was zo sympathiek om te komen opdraven, zij aan zij met Mensje van Keulen. Ditmaal zat er publiek bij ons gesprek. Van tevoren had Donkers talloze opgewekte mailtjes gestuurd, en eenmaal in de Amsterdamse boekhandel Martyrium arriveerde hij als allereerste. Zenuwachtige, maar soepele tred, een man in goede gezondheid. Vlak ervoor had hij nog getennist, zo meldde hij me niet zonder trots.

Ook herhaalde hij wat hij al had gemaild: hij vond dit best spannend allemaal. Het was jaren geleden sinds hij op een podium had gezeten, hij wilde het goed doen.

Noodgedwongen deelden Donkers en Van Keulen een microfoon, wat een aandoenlijk beeld opleverde: ze tastten bij elke vraag af wie eerst ging praten, becommentarieerden elkaars versies van hun 45-jarige vriendschap, trokken de microfoon uit elkaars handen, vertelden intussen levendige anekdotes – weer Machu Picchu, weer Mike Tyson. Donkers wiebelde geregeld op zijn stoel, maar ondanks zijn zenuwen kon hij goed mee met de scherpte van Van Keulen, gaandeweg leefde hij op van de drukte in de boekhandel en hij werd steeds openhartiger.

Het mooiste moment kwam tegen het einde. Hardop benoemde Donkers zijn twijfels over zijn schrijverschap. Zijdelings had hij die ook al gedeeld toen ik bij hem thuis zat. Kon hij het eigenlijk wel echt, dat schrijven? Wat had hij nog te vertellen?

Hij was met zijn studievrienden in café De Pels en aan hoe die groep daar zat, viel te zien dat ze dit vaak deden, dat ze vormende jaren zo in de kroeg hadden doorgebracht

In Martyrium zei hij dat hij nog maar één ding wilde met zijn werk, en dat was een boek over zijn moeder uitbrengen. Zijn agenda had de afgelopen tijd slechts één woord vermeld, dag in dag uit: schrijven. “En daardoor ging ik achter mijn bureau zitten – als iets in mijn agenda staat, dan moet het gebeuren. Mijn journalistieke erfenis.” Hij had het manuscript al naar Jaco Groot van uitgeverij de Harmonie gestuurd, niet ter publicatie want dat vond hij “gênant met mijn slechte verkoop”, hij wilde alleen weten of Jaco misschien een andere geschikte uitgever kende.

Opeens zat ik naast een 82-jarig kind met waterige ogen.

Hij zei: “Ik heb alles aan mijn moeder te danken.”

In de paar mails die we na Martyrium uitwisselden, ging het niet meer over dat boek. Wel toonde hij zich telkens betrokken bij wat ik deed, bij wat er zoal in kranten stond, wat er allemaal wereldwijd gebeurde. In zijn berichten gebruikte hij veel uitroeptekens, de blik was steeds vooruit gericht, alles in zijn woorden onthulde leven.

Donkers’ ziekbed was kort, zo begreep ik. Zodra het einde in zicht kwam, diende het zich al voluit aan

Ik geloof niet dat hij na die augustusavond ooit nog op een podium heeft gezeten. Ik zag hem erna wel nog eens, op een winterse vrijdagmiddag, hij was met zijn studievrienden in café De Pels en aan hoe die groep daar zat, viel te zien dat ze dit vaak deden, dat ze vormende jaren zo in de kroeg hadden doorgebracht, pratend over schrijven, over politiek, over wat zich maar aandiende. In het voorbijgaan riep Donkers naar me: “Ik mail jou snel, dan drinken we weer eens wat.”

Het is er nooit van gekomen.

Donkers’ ziekbed was kort, zo begreep ik. Zodra het einde in zicht kwam, diende het zich al voluit aan.

Nu vraag ik me al dagen af wat de status is van dat boek over Donkers’ moeder. En ik moet denken aan wat hij zei toen ik bij hem thuiszat: “Nu ik ouder word, word ik ook sentimenteler.” En even later: “Het is vaak gebeurd dat mensen zeiden: goh, Jan, ik durfde jou helemaal niet aan te spreken toen ik jou voor de eerste keer zag, je hebt zo’n zware stem, je kijkt zo serieus. Terwijl ik juist ontzettend veel lol heb in mijn leven. Wil je dat wel opschrijven? Ik heb altijd veel lol gehad.”

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen

		WP_Hook Object
(
    [callbacks] => Array
        (
            [10] => Array
                (
                    [0000000000003da50000000000000000ywgc_custom_cart_product_image] => Array
                        (
                            [function] => Array
                                (
                                    [0] => YITH_YWGC_Cart_Checkout_Premium Object
                                        (
                                        )

                                    [1] => ywgc_custom_cart_product_image
                                )

                            [accepted_args] => 2
                        )

                    [spq_custom_data_cart_thumbnail] => Array
                        (
                            [function] => spq_custom_data_cart_thumbnail
                            [accepted_args] => 4
                        )

                )

        )

    [priorities:protected] => Array
        (
            [0] => 10
        )

    [iterations:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [current_priority:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [nesting_level:WP_Hook:private] => 0
    [doing_action:WP_Hook:private] => 
)