Ja, ja en nog eens ja, zegt het verliefde meisje in Anne Mieke Backers debuutroman
Van haar vader krijgt ze Simone de Beauvoir te lezen, maar het hoofdpersonage in Ik was dat meisje heeft meer met Brigitte Bardot. In sierlijke taal herschrijft debutant Anne Mieke Backer een erotische klassieker van James Salter vanuit het standpunt van het meisje.
“L’amour chasse le temps et le temps chasse l’amour”. Dat citaat van Anne-Marie Costallat, iets minder poëtisch vertaald als “Liefde verdrijft de tijd en de tijd verdrijft de liefde”, is de opdracht voorin Ik was dat meisje, het literaire debuut van beeldend kunstenaar Anne Mieke Backer. Anne-Marie is een fictief personage, het Franse plattelandsmeisje dat begin jaren zestig als nauwelijks zestienjarige een relatie aanknoopt met de zelfverzekerde Amerikaanse twintiger Phillip Dean in Spel en tijdverdrijf, een roman van de Amerikaan James Salter (1925-2015).
Anne Mieke Backer© Vosse A. de Boode
Het in 1967 als A Sport and a Passtime verschenen boek wordt bewierookt als een magistrale erotische vertelling en betekende de doorbraak van Salter, die alom geprezen wordt als een fijnzinnig stilist. Salter vertelde het verhaal aan de hand van een wat anonieme fotograaf, die de avonturen van zijn vriend Phillip in Frankrijk beschrijft. Het geeft het boek iets voyeuristisch, de fotograaf verlangt duidelijk ook zelf naar zoveel mannelijke daadkracht.
Phillip reist in de weekends met een oude, chique Delage naar tal van Franse provinciestadjes, om er in hotels uitgebreid te dineren maar toch vooral de liefde te bedrijven met de gewillige Anne-Marie. Over Anne-Marie zelf en haar beweegredenen komen we zo goed als niets te weten, de focus ligt op wat er tussen de lakens gebeurt.
Daar komt nu verandering in: in haar debuutroman vertelt Backer het verhaal vanuit het standpunt van de voorheen zo anonieme Anne-Marie.
Jong, wulps en betoverend: Anne-Marie is in de ban van Brigitte Bardot uit de film ‘Et Dieu… créa la femme’
Niet dat er geen seks zit in Ik was dat meisje, wel integendeel. Vanaf de eerste alinea is duidelijk wat Anne-Marie wil: “Hij, de Amerikaan, stapte mijn leven binnen als iemand die een onbekende kamer in komt en in het halfduister naar de lichtschakelaar tast. Hij vond die snel en zodra hij hem had overgehaald stond ik in een aangenaam schijnsel, alsof ik zelf licht gaf. Ik besloot op alles wat hij mij zou vragen ja te zeggen. Ja, ja en nog eens ja. Geen aarzelend ja, waarmee ik zou veinzen dat ik een moeilijk te versieren meisje was. Geen gretig ja, zodat het zou lijken alsof ik op hem had gewacht. Geen ongeïnteresseerd ja, alsof ik geen verwachtingen koesterde, maar een eerlijk en zelfbewust ja.”
Een gebeurtenis uit het prille leven van Anne-Marie blijkt bepalend te zijn voor haar keuze. Haar vader vertrok toen haar moeder nog zwanger was, waarna zij een saai leven leidt als secretaresse, haar manier om te ontsnappen aan een voorspelbaar bestaan op de boerderij van haar ouders. Anne-Marie neemt zich voor om nooit te leren typen: ze wil haar eigen verhaal schrijven, niet andermans woorden uittikken.
Ze is benieuwd naar haar vader, die in Parijs in existentialistische kringen vertoeft. Wanneer ze op bezoek gaat, stopt hij stiekem Le deuxième sexe van De Beauvoir in haar koffer. Maar Anne-Marie is dan al in de ban van Brigitte Bardot uit de film Et Dieu… créa la femme, die ze omschrijft als jong, wulps en betoverend. De Beauvoir vertelt haar hetzelfde als haar leerkrachten, dat het hebben en uitspelen van seksuele aantrekkingskracht iets is voor slechte meisjes. Terwijl het volgens Anne-Marie haar enige ontsnappingsroute is: “Het leven moest maar eens beginnen.” Ze koopt een sexy, kanten lingeriesetje, omdat ze ernaar verlangt net zo’n meisje te zijn als in de advertenties van het merk Lou. “Zo’n je ne sais quoi-meisje, geen intellectuele, maar toch iemand die je niets, maar dan ook niets wijs hoefde te maken.” Kort daarna knipt een Amerikaan de lichtschakelaar aan.
Backer vertelt Anne-Maries verhaal zoals ze het toen beleefde, begin jaren zestig, afgewisseld met hoofdstukken waarin ze nu terugblikt op die verhouding van vijfenzestig jaar geleden. Haar verhaal is geen kille afrekening, integendeel, al betreurt ze wel hoe ze is geportretteerd in het boek, dat ze pas veel later ontdekte. Voor haar was het een echte liefdesverhouding, niet zomaar een spel, of tijdverdrijf. Zij droomde van een leven met de Amerikaan, niet wetend dat hij in werkelijkheid al zevenendertig was en over de oceaan een vrouw en twee kinderen had.
Backer ontrafelt langzaam het geheim, en beschrijft zowel haar belevenissen van toen als hoe ze achteraf op zoek gaat naar de waarheid. Ze doet dat in een sierlijke, trefzekere taal, passend bij de zelfbewuste houding van zowel de tiener als de volwassen vrouw die terugblikt.
Anne-Marie heeft uiteindelijk haar leven in de hand genomen, zoals ze zelf altijd wilde. En die verhouding? “Al heb ik mijn geheugen nadien moeten aanzoeten, omdat de nasmaak bitter was, toch hebben we een mooie tijd beleefd, hij en mijn jongere ik: de schrijver en het meisje.”
Dit boek verdient snel een Engelse en Franse vertaling, zodat ook de rest van de wereld kan genieten van Backers heerlijke aanvulling op deze klassieker.
Anne Mieke Backer, Ik was dat meisje, Ambo|Anthos, Amsterdam, 2025, 248 p.









Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.