Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Publicaties

Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

‘Honingeter’ van Tülin Erkan: een oefening in afscheid nemen
0 Reacties
recensie De Eerste Keer
literatuur

‘Honingeter’ van Tülin Erkan: een oefening in afscheid nemen

Met Honingeter schreef Tülin Erkan een debuutroman over de zoektocht naar de juiste woorden en hoe moeilijk het is om afscheid te nemen van plekken en mensen, zelfs als je je nooit ergens helemaal thuis voelt.

Een decor kan soms even cruciaal zijn voor een roman als de personages of de plot. Vaak herinneren we ons van een boek als eerste waar het zich afspeelt. Ook in het geval van Honingeter van de Vlaamse debutante Tülin Erkan (1988) is dat decor erg bepalend. We bevinden ons in het luchthavengebouw van Istanboel, en behalve in de dromen en herinneringen van de personages blijven we daar het hele verhaal lang.

Die luchthaven is een “plaats waar mensen smelten als kaarsvet”, schrijf Erkan in haar beginregels, en waar ze “ogenblikkelijk stollen wanneer een intercomstem hun vluchtnummer afroept of de zoveelste vertraging aankondigt”. De toon is daarmee direct gezet. Volgens Erkan is de luchthaven ook een plaats waar verdwalen tot kunst is verheven, omdat iedereen er dezelfde paden moet bewandelen.

Honingeter is het verhaal van Sibel, Ömer en Wernicke, drie personages die proberen dat verdwalen tot kunst te verheffen, en misschien wel proberen te verdwijnen. Ze zijn op de vlucht, en dat doen ze door steeds op dezelfde plaats te blijven rondhangen. Want tegelijk lijken ze op zoek naar iets, al weten we niet altijd wat.

Ömer is een beveiligingsbeambte die de hele dag naar de bewakingsvideo’s kijkt, en nooit meer naar huis gaat. Sibel is een vrouw die iedere dag opnieuw haar vlucht naar Brussel mist. Ömer begint haar te volgen op zijn camera’s, maar ook in het echt. Zij voelt dat. Of ziet ze het aan de rode lampjes in de camera’s?

Erkan vertelt het verhaal van Ömer en Sibel in afzonderlijke hoofdstukken, telkens vanuit hun perspectief. Het duurt soms even voor je weet wie wat vertelt, wat helemaal past in een boek over zoekende zielen. Je voelt dat beiden nader tot elkaar zullen komen, al gebeurt dat uiteindelijk op een onvoorspelbare manier.

Erkan schrijft filmisch, in scènes, zonder daarbij erg veel prijs te geven

Terwijl Ömer en Sibel elkaar zowel volgen als met rust laten, duikt Wernicke op. Hij is een piloot die niet meer mag vliegen, al probeert hij dat voor Sibel angstvallig te verbergen. Zij speelt het spel mee. Het is onduidelijk wat Wernicke precies mankeert, al moet hij steeds vaker zoeken naar zijn woorden, wat wijst op een storing in de hersenen. De man heet natuurlijk niet zomaar Wernicke.

Er ontstaat een soort verbintenis tussen de drie personages, zonder dat die wordt uitgesproken, in woorden wordt gevat. Een bijna bejaarde luchthavenhond zorgt voor de verbinding. Niemand stelt moeilijke vragen, iedereen tolereert de moeizame zoektocht van de ander, een zoektocht naar woorden, naar een plek om je thuis te voelen.

Erkan doorspekt haar verhaal met herinneringen, waardoor we langzaam een beetje leren waarom deze mensen zich verschansen op de luchthaven. Ömer denkt aan zijn Turkse geboortedorp, maar ook aan de mijnen in Winterslag en de vrouw en de kinderen die hij daar achterliet. Sibel denkt aan haar afgebroken studie diergeneeskunde, aan haar vader die al vroeg uit haar leven verdween, aan de vakanties bij haar Turkse grootouders. En Wernicke denkt aan de steden waar hij ooit heenvloog.

Zo leren we ze alle drie een beetje beter kennen, al laat Erkan meer dan voldoende ruimte om al die verhalen, al die personages verder in te vullen. Ze schrijft filmisch, in scènes, zonder daarbij erg veel prijs te geven. Ze laat veel aan de verbeelding van de lezer over, die zo tussen de hoofstukken door heerlijk kan dagdromen.

Enkele regels uit ‘Ne me quitte pas’ van Jacques Brel als opdracht maakten het al duidelijk. Dit is een boek over (moeilijk) afscheid nemen, over een plek zoeken waar je thuis kan zijn, in de taal of fysiek. Samen zijn we ontheemd, verzucht Sibel tegen de luchthavenhond met wie ze dagenlang optrekt, en in wiens hok ze ’s nachts slaapt, luisterend naar zijn hartslag.

Het is ook een boek over kijken en bekeken worden, over proberen te vergeten, maar ook over vergeten worden, als woord, als dochter, als vader.

Op den duur hopen de drie van elkaar dat ze blijven, maar ze weten dat het niet kan, dat het einde nadert. Een sneeuwstorm verlengt nog even hun onhandige samenzijn, maar uiteindelijk is het afscheid onafwendbaar.

Tülin Erkan, Honingeter, Pelckmans, Kalmthout, 2021, 208 p.
Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be.