Publicaties
‘De zaak Tom’ is een wonderlijk boek over de drijfveren van de mens
0 Reacties
De Eerste Keer
literatuur

‘De zaak Tom’ is een wonderlijk boek over de drijfveren van de mens

Elke maand signaleren we in De Eerste Keer een Nederlandstalig romandebuut dat meer aandacht verdient. Met De zaak Tom schreef sportjournalist Frank Heinen een boek over een onbaatzuchtige vriendschap, die niet altijd zo wordt gezien. Op subtiele wijze fileert hij zowel de zorg in onze maatschappij als de rol van de media in hoe wij naar bepaalde zaken kijken.

Sportjournalisten (of ex-sportjournalisten) die een uitstap maken naar de literatuur komen in Nederland wel vaker voor. De bekendste is wellicht Bert Wagendorp, die na een start als sportjournalist vervolgens correspondent en columnist werd voor de Volkskrant, terwijl hij ook succes heeft met romans als het verfilmde Ventoux en Masser Brock. Maar ook Edwin Winkels en Marcel van Rosmalen combineren sportjournalistiek en proza.

Nederlandse kranten en weekbladen hebben dan ook een lange traditie van uitstekende sportschrijvers. Dit in tegenstelling tot Vlaanderen, waar op enkele uitzonderingen na sportverslaggeving al te vaak wordt beschouwd als tweederangsjournalistiek. Op de Nederlandse sportpagina’s mogen de zwierigste pennen zich uitleven, en daarnaast zijn er literaire sportbladen als Hard Gras, Santos en De Muur. In Vlaanderen is er gelukkig wel Bahamontes voor het betere wielerverhaal, maar Puskás, een gelijkaardig voetbalblad van dezelfde uitgever, verdween helaas al na vijf nummers uit de rekken.

Dwarse observaties

Frank Heinen (1985) is een van die uitstekende sportschrijvers die zowel ten noorden als ten zuiden van de staatsgrens die ons taalgebied doorklieft enige bekendheid geniet. Vooral in zijn thuisland Nederland maakte hij al naam als medewerker voor de Volkskrant, Hard Gras, De Muur, Revisor en HP/De Tijd, krantenlezend Vlaanderen kan hem kennen als sporadisch columnist voor De Morgen.

De heldere en soms originele, dwarse observaties uit zijn sportverhalen vind je ook in zijn romandebuut De zaak Tom, dat begin 2019 verscheen bij De Bezige Bij. In De zaak Tom maken we kennis met Bob, die op de eerste pagina zijn gehandicapte broer Tom meeneemt uit de instelling waar hij verblijft. Tom is doofstom en gekluisterd aan een rolstoel, dus we weten niet echt hoe fijn hij het vindt om meegenomen te worden, maar Bob heeft het ondanks alle praktische ongemakken flink naar zijn zin. “Gezellig, hè”, zo bezweert hij hun samenzijn.

‘De zaak Tom’ is een opmerkelijke mengeling van road novel, kritiek op de zorgmaatschappij en mediakritiek

Wat volgt is een knap verhaal, soms grappig, soms spannend. Bob, zich ogenschijnlijk van geen kwaad bewust, wordt door Nina, de baliemedewerkster van de bib waar hij zijn ochtenden doorbrengt, getipt dat hij wordt gezocht voor ontvoering. Vervolgens gaan ze met hun drieën op pad, en tijdens hun tocht sluit ook nog een “zigeuner” met een hondje aan, die beweert een Tunesische politicus op de vlucht te zijn.

Bob probeert het Tom en de andere reisgezellen naar hun zin te maken, maar zaait zelf twijfel over zijn ware bedoelingen. Is hij de onbaatzuchtige broer die hij beweert te zijn, of doet hij dit vooral voor zichzelf? ’s Nachts fluistert hij tegen Tom: “Geloof niemand die zegt dat-ie er voor je is, jongen. Mensen zijn er, en dat is het. Heel soms is de ander even een pleister. Dat is het.”

Ondertussen is het land volop in debat. Geheel volgens de tijdsgeest is er weinig ruimte voor nuance, de polarisering scheert hoge toppen. Voor de ene groep is Bob een afschuwelijk monster, een gek die een weerloze patiënt ontvoert en misbruikt. Voor de anderen is hij een held die Tom heeft bevrijd uit een onmenselijk systeem, een chique gevangenis waar mensen alleen maar een kostenpost zijn. Uiteraard wordt die discussie op de spits gedreven door hijgerige media die, al of niet met kennis van zaken, dit verhaal uitmelken tot op de bodem. Dat leidt uiteindelijk tot een bijzondere, chaotische apotheose.

Dat maakt van De zaak Tom een opmerkelijke mengeling van road novel, kritiek op de zorgmaatschappij en mediakritiek, maar bovenal toch een wonderlijk boek over de drijfveren van de mens. Heinen doet dat in trefzekere zinnen, in rake, soms grappige observaties. Tot een eenduidige conclusie komt hij – gelukkig – niet. Want ook al heeft iedereen een reden om iets te doen, die reden is niet altijd direct voor iedereen duidelijk. Soms zelfs niet voor de persoon die het doet zelf.

Frank Heinen, De zaak Tom, De Bezige Bij, Amsterdam, 2019, 288 p.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische betaling. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be