Astrid Haerens rouwt om een voorbije vriendschap in het poëtische ‘Erosie’
In haar tweede roman duikt Astrid Haerens in de gedachten van een vrouw die rouwt om het verlies van een intieme vriendschap. Ze vindt troost in strandjutten en het schikken van de stenen die ze verzamelt op een eiland.
Liefdesverdriet kan bijzonder hevig zijn, maar ook het verdriet om een verloren vriendschap kan iemand diep in de rouw dompelen. Over gebroken harten zijn vele bibliotheken vol geschreven, terwijl de deprimerende treurnis die iemand overvalt na een verbroken vriendschap nauwelijks een thema in de literatuur is. Vriendschapsverdriet staat ook niet in het woordenboek.
Daar komt binnenkort misschien verandering in, zeker in de psychologie is er meer aandacht voor. Ook in de film zie je het wel eens, zoals in het aangrijpende Close (2022) van Lukas Dhont over een intieme vriendschap tussen twee tienerjongens die door groepsdruk wordt kapotgemaakt, of The Banshees of Inisherin (2022) van Martin McDonagh, waar de breuk tussen twee volwassen mannen van de ene op de andere dag plaatsvindt, zonder duidelijke reden. Toch moeten ze verder op hetzelfde, dunbevolkte eiland.
Zo’n eiland speelt eveneens een belangrijke rol in Erosie, de tweede roman van Astrid Haerens (1989). Helle, een vrouw van eind de dertig, heeft zich teruggetrokken op een Waddeneiland met nauwelijks toeristen en een handvol bewoners. Ze spreekt er vaak dagenlang niemand, maar in haar hoofd heeft ze een voortdurend gesprek met Alma. Lange tijd waren zij beste vriendinnen, smeedden ze plannen en stimuleerden ze elkaar bij het maken van kunst. Helle schilderde, Alma fotografeerde, vaak met Helle als model. Maar langzaam is Alma uit het leven van Helle verdwenen. Het voelt als verraad, het raakt Helle tot in het diepst van haar wezen. Meer nog dan bij het einde van een liefdesrelatie voelt dit als een afwijzing van wie ze is, van wie ze is geworden, of misschien wel wie ze is gebleven.
Die pijnlijke zoektocht naar het waarom van de verwijdering beschrijft Haerens intiem en pakkend in de hoofdstukken die zich afspelen op het eiland. Het zijn heel poëtische passages, Haerens debuteerde in 2022 ook als dichter met Oerhert, een bundel vol krachtige, ritmische poëzie over vrouwelijke kracht die ze ook verwerkte in een muziektheatervoorstelling. Erosie begint eveneens met een gedicht, alsof Haerens de poëzie niet helemaal kon loslaten.
Astrid Haerens brengt de symboliek in ‘Erosie’ subtiel aan, haast tussen de lijnen door© Bram Van Beek
Dat gedicht gaat meer over het aftasten van de werkelijkheid, het zoeken naar het hoe en waarom van de transformatie die Helle zal moeten doormaken, net als de geërodeerde stenen die ze verzamelt op het strand. Maar daar is ze nog niet helemaal klaar voor. Helles leven staat in sluimerstand. Haar gedachten worden slechts heel zelden onderbroken, dan waait een flard van een oud liedje voorbij.
In het begin vraagt ze aan Alma of die zich nog herinnert dat ze soms iets van betekenis maakten, maar dan niet meer wisten hoe dit was gebeurd:
Sinds jij besloot te verdwijnen je af te scheuren me uit te wissen welk werkwoord moet ik ingodsgods heeeeyoheeee sinds jij dit besloot, Alma, heb ik hier vaak last van. Ik kom op plekken, ik doe dingen, maar kan me niet meer herinneren hoe ik er ben geraakt, hoe ik het precies heb gedaan, waarom bevind je je nu hier, waarom heb je nu dit in je handen, waarom deze persoon waarom zonder jou.
De wisseling van “ik” naar “je” verhevigt de afstand die Helle voelt tot zichzelf.
In andere hoofdstukken blikt Helle terug op haar vriendschap. Hoe ze zich als stiller kind uitverkoren voelde door de zwierige Alma, die toen al het populairste meisje van de klas was. Hoe ze samen plannen smeedden voor de toekomst, een leven zonder man of kind maar vol kunst en liefde voor elkaar. Een artistieke twee-eenheid. Het zijn dynamischer hoofdstukken met langere zinnen, vol levenslust, en langzaam maar zeker wordt de dynamiek tussen beiden duidelijker voor de lezer. Het gaat over het verschil tussen een vriend hebben en een vriend zijn, over hoe we ons dezelfde gebeurtenissen of kleine voorvallen soms helemaal anders herinneren en er een compleet andere betekenis aan geven. De barsten in de vriendschap worden voor de lezer geleidelijk zichtbaar, maar geldt dat ook voor Helle?
Hoeveel tijd gunnen we een ander om te rouwen? Hoe verhouden we ons tot de buitenwereld die steeds meer van ons eist?
In Stadspanters, Haerens’ debuut uit 2017, speelde transformatie ook al een belangrijke rol. Dat boek is een caleidoscoop van verhalen over een nieuwe generatie inwoners in een grote stad. De personages zijn met elkaar verwant of bevriend, maar evolueren toch andere kanten op. De “panters” bewegen zich zoekend door de grote stad en Haerens mijdt de maatschappelijke thema’s niet, zoals religie of het koloniale verleden.
In Erosie is de snel bewegende panter een langzaam eroderende steen geworden, en is de wereld “kleiner”, intiemer vooral. Toch is het evengoed een maatschappelijk relevant boek. Hoeveel tijd gunnen we een ander om te rouwen? Hoe verhouden we ons tot de buitenwereld die steeds meer van ons eist? Hoe dragen we zorg voor elkaar? In tijden van druk op langdurig zieken en andere “onproductieven” zijn ook dat vragen die ertoe doen.
Op het eiland vindt Helle uiteindelijk wel wat aansluiting bij Hetty, een kranige oude vrouw die ondanks haar ziekte niet naar het vasteland wil verhuizen. Helle probeert te vertellen over haar verdriet, maar het lukt haar niet. “Ik voelde me beschaamd over mijn verdriet, vernederd door jou.” Hetty leert Helle alles over de stenen op het eiland, zoals de barnsteen, een steen van gestold hars, of de rozenkwarts, symbool voor vriendschap en trouw, stenen die mensen kiezen in plaats van omgekeerd. Net als het schilderen vroeger betekent stenen zoeken voor Helle een vorm van vrijheid.
En dan is er nog het beeld van de kristallen die na een breuk weer aan elkaar kunnen groeien. Haerens brengt de symboliek subtiel aan, haast tussen de lijnen door, als een flard hoop die voorbij wappert. De ontsnapping die Helle in de stenen vindt, werkt ook voor de lezer verzachtend, waardoor dit geen loodzwaar of deprimerend boek is. Het is aangrijpend, af en toe hartverscheurend zelfs, maar er zit een poëzie in die erg troostend is, de troost van het zachte oppervlak van een kastanjekleurige steen in je broekzak.
Astrid Haerens, Erosie, Atlas Contact, Amsterdam, 2026, 260 p.











Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.