Hulde aan mijn illustere voorvader, schoenmaker en schrijver van het Vlaamse ‘Bridgerton’
De populariteit van Bridgerton in Vlaanderen en Nederland bewijst dat we nog steeds smullen van sentimentalisme, net als in de achttiende eeuw. Maar ook zeemzoet escapisme doet nadenken.
Al enkele weken domineert het nieuwste seizoen van het kostuumdrama Bridgerton de Belgische en Nederlandse top 10 van meest bekeken series op Netflix. De serie, gebaseerd op de gelijknamige romans van Julia Quinn, verhaalt het reilen en zeilen van een fictieve Britse aristocratenfamilie in de jaren 1810. De populariteit is ongetwijfeld te wijten aan de speelsheid waarmee de reeks clichés uit de romantische literatuur nieuw leven inblaast. Een schijnrelatie wordt ware liefde (seizoen 1), vijanden worden minnaars (seizoen 2) en vrienden worden passionele geliefden (seizoen 3). Het vierde seizoen zet die trend door met een schijnbaar onmogelijke liefde over klassegrenzen heen.
Bridgerton is hoegenaamd geen toonbeeld van historisch realisme. De tv-reeks is een doelbewuste pastiche van het verleden. De strijkorkesten spelen instrumentale covers van Taylor Swift en Charli xcx, de jurken zijn flashy, de tanden zijn wit. De adel telt een ongezien aantal mensen van kleur, en van racisme is nauwelijks sprake.
Toch moest ik bij het bekijken van het recentste seizoen meteen terugdenken aan de tijd rond 1800. En wel met name aan een toneelstuk van mijn illustere voorvader Jan-Baptist Hofman.
Jan-Baptist Hofman (1758-1835) was schoenmaker en een van de productiefste Belgische toneelschrijvers uit de late achttiende eeuw. Dat hij mijn voorvader is, heb ik nooit echt uitgezocht, maar we delen een achternaam, hij is net als ik uit Kortrijk afkomstig en zijn portret lijkt sprekend op de broer van mijn grootvader. Meer heb ik niet nodig.
Antoine Martin Blondeel, Portret van Jan Baptist Hofman, 19de eeuw © MSK Gent, via Abby Kortrijk
In 1796 werd Hofmans toneelspel Den onbermhartigen schuld-eisscher voor het eerst opgevoerd. Het is een knap staaltje sentimenteel drama. Net als in Bridgerton staat een onmogelijke liefde over klassegrenzen heen centraal. Maar anders dan in het Britse kostuumdrama volgen we het perspectief van een gewone familie. Lambrecht, in de eerste opvoering door Hofman zelf vertolkt, is een boer die door ziekte in de schulden is beland. Zijn twee dochters, Julia en Lidia, proberen het gezin te onderhouden. Maar daar steekt de lokale graaf, de onbarmhartige schuldeiser Verhulst, een stokje voor.
In de late achttiende eeuw vierde de cultuur van het sentimentalisme hoogtij. Medelijden was een van de belangrijkste deugden van die tijd. En de beste manier om medelijden te tonen, was door bij gelegenheid publiekelijk een traan te plengen. De literatuur gaf het voorbeeld, ook bij Hofman: Lambrecht heeft zijn schulden “beschreid met bittre traanen”, terwijl Verhulst wordt verweten dat hij “geenzins het minste medely” ervaart. Zuchten, tranen en flauwtes larderen het hele stuk.
Medelijden was een van de belangrijkste deugden. En de beste manier om medelijden te tonen, was door bij gelegenheid publiekelijk een traan te plengen
Halfweg het eerste bedrijf haalt Verhulst zijn smerigste streek uit: hij verraadt Lidia’s diepste geheim in Julia’s bijzijn. “Dees, zegt gij, is uw zuster? Maar ’k weet nader dat zij uw bastert kind is!” Lidia valt in zwijm. “Wat hoor ik! Hemel! Ik sterf!” Julia zelf hoort het in Keulen donderen: “Zuster! Ach!…. Zyt gy myn Zuster niet?” Lidia bekent, als ware dit het slotakkoord van een Star Wars-film: “ô Neen, myn Julia! Ik ben uw eigen Moeder: ’k Bragt u ter Waareld. Uyt deês borst ontfing gy ’t voeder.”
Lidia, zo bleek, had een relatie gehad met Willem, de zoon van de vorige graaf, de broer van Verhulst. De graaf had de liefde tussen zijn zoon en een boerendochter ten strengste afgekeurd en zijn zoon naar een Oost-Indisch eiland verbannen. Daar zou hij overleden zijn. Bij gebrek aan andere erfgenamen had Verhulst de scepter na de dood van zijn broer overgenomen.
Het zal wie Bridgerton zag – of ooit al een ander romantisch drama las – niet verbazen: Willem blijkt in het tweede bedrijf helemaal niet overleden. Hij houdt zelfs nog steeds zielsveel van zijn Lidia. In het gezelschap van zijn “moorse knecht” Yarko keert hij dan ook terug van zijn Oost-Indische eiland.
Wanneer Willem aan het eind van het stuk zijn plek als rechtmatige graaf opeist, wordt alles opgelost: Verhulst opzijgeschoven, Lambrechts schulden kwijtgescholden. Lidia is weer samen met Willem. En ook Julia mag met haar geliefde trouwen, toevallig de zoon van Verhulst (dus haar oudoom, maar dat probleem wordt niet aangekaart).
De parallellen met Bridgerton zijn sterk. Ware liefde overwint alles, dat is zowel in Bridgerton als in Den onbermhartigen schuld-eisscher de boodschap. Gevoelens worden intens beleefd, voorbij de regels van decorum. Harteloosheid is de grootste ondeugd. Een huwelijk is de kroon op het verhaal.
Een gesuikerde utopie is een kritiek op de realiteit
Ook de manier waarop kolonialisme wordt ingezet als plotmechanisme is vergelijkbaar. Zonder Willems Oost-Indische ballingschap was er bij Hofman geen verhaal, en bij Bridgerton doet een koloniaal verhaal handig dienst om de lange afwezigheid van het personage van sexiest man alive Jonathan Bailey te verklaren. Opnieuw bij Hofman zorgt een Moorse knecht voor wat etnische diversiteit onder de personages. Werd die toen nog door een witte acteur gespeeld, dan zijn bij Bridgerton de rollen omgekeerd: daar spelen acteurs van kleur rollen van traditioneel witte personages. Zowel Hofman als Bridgerton blijven ver weg van kritiek op de Europese rol in slavernij en uitbuiting van niet-Europeanen. Yarko hekelt sommige “witten” weliswaar om hun wreedheid, dat hij Willems knecht is, stelt hij niet in vraag.
Jonathan Bailey en Simone Ashley in ‘Bridgerton’© Netflix
Niet alles loopt natuurlijk parallel. Hofman toont zich cultuurkritischer dan Bridgerton, dat toch vooral zeemzoet escapisme levert. Laakt Hofman de geldgier en het egoïsme van de elite, en op een bepaald moment zelfs het kortzichtige racisme van Julia, dan toont Bridgerton zich milder voor de eigenaardigheden van de gepamperde stand.
Maar ook escapisme kan aanzetten tot nadenken. Een gesuikerde utopie is een kritiek op de realiteit. Bovendien zijn populaire kostuumdrama’s, hoe anachronistisch ook, voor historici altijd een mooie gelegenheid voor verdere duiding. Zonder Bridgerton had ik u niet over Hofman verteld.
In afwachting van het vijfde seizoen van Bridgerton is het misschien tijd voor een bewerking van Den onbermhartigen schuld-eisscher? Instrumentale covers van Pommelien Thijs en Camille Dhont kunnen alvast als soundtrack dienen. Met zoveel romantiek, sentiment en zelfs wat diversiteit is succes vast gegarandeerd.









Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.