Deel artikel

kunst

Peter Voskuil schreef het Groot Vlaams liedboek: ‘Zodra ze een Vlaamse tongval horen, verliezen Nederlanders hun interesse. Dat getuigt van een grote arrogantie’

11 september 2026 5 min. leestijd

Heel wat Nederlanders halen hun neus op voor Nederlandstalige liedjes van hun zuiderburen. Onbegrijpelijk, vindt muziekjournalist Peter Voskuil, zelf een Nederlander. In Groot Vlaams liedboek vist hij 101 parels op uit de belpop.

“Ik ben opgegroeid tussen de bollenboeren in de Hollandse bloemenvelden”, lacht Peter Voskuil. En daar, in Hillegom, vlakbij Schiphol, woont hij nog steeds. Toch noemt Voskuil zichzelf een “vlamoloog”: “Ik kijk graag naar de Vlaamse televisie – ik vind het nieuws op Het journaal van de VRT op de een of andere manier draaglijker. Bovendien is de Vlaamse wielerverslaggeving lichtjaren beter. En ik kwam heerlijke liedjes op het spoor van onder anderen Wim De Craene, Zjef Vanuytsel en Kris De Bruyne.”

Voskuil bouwde al een behoorlijke reputatie op als schrijver van boeken over muziek. Vooral Boudewijn de Groot oeuvreboek: De verhalen van alle liedjes en Dutch Mountains, een geschiedenis van de Nederlandse platenindustrie, zijn indrukwekkende naslagwerken. Vier jaar geleden kreeg hij het idee om een dwarsdoorsnede van de Vlaamse muziek te maken. In het resultaat, Groot Vlaams liedboek, presenteert hij klassiekers, maar diept hij ook juweeltjes op die zelfs bij menige Vlaming nauwelijks een belletje doen rinkelen, zoals ‘Liedje voor de massa’ (Tamboerijn) en ‘Pas 25’ (Bert De Coninck).

Waar kwam het verlangen om je in de Vlaamse muziek vast te bijten vandaan?

Peter Voskuil: “Na over de Nederlandse muziekindustrie geschreven te hebben, leek het me bijzonder leuk om nu in dat parallelle universum over de grens te duiken. Een universum dat dezelfde taal hanteert. Ik vind het heel raar dat wij Nederlanders wel onze eigen liedjes kennen, maar niet die van ons buurland. Terwijl die minstens zo mooi zijn.”

Eerder dit jaar verscheen ‘Vlinders in m’n hoofd’, waarvoor de Nederlandse auteur Jeroen Kleijne de honderd mooiste liefdesliedjes in de Nederlandse taal selecteerde. Hij presteerde het om er slechts vijf Vlaamse liedjes in op te nemen. Vanwaar die desinteresse van de meeste Nederlanders voor Vlaamse muziek?

Voskuil: “Ik plaats het ergens tussen misplaatste arrogantie en een cultuurverschil in. Als wij een beetje een Vlaamse tongval horen, hebben we blijkbaar de reflex om het minder serieus te nemen. Terwijl we in Nederland doorgaans wel graag luisteren naar Nederlandse artiesten die in een dialect zingen – denk aan Daniel Lohues uit Drenthe.”

“In het boek citeer ik daarover Hans Kusters, de Bredase platenbaas en producent die onder andere met Wannes Van de Velde en Clouseau samenwerkte: ‘Wij Nederlanders hebben nog steeds onze koloniale tropenhelm op en denken dat we de wereld beheren.’ Nederlanders lijken het altijd beter te weten en trekken die houding blijkbaar ook door in de muziek.”

Frank Vander linden van De Mens merkt dan weer op dat Nederlanders hem misschien wel verstaan, maar daarom nog niet begrijpen. Zijn er laagjes of subtiliteiten in Vlaamse liedjes die aan Nederlanders voorbijgaan?

Voskuil: “Als die er al zijn, heb ik ze niet kunnen ontdekken. Het heeft ook met marketing te maken: hoe krijg je de noodzakelijke kanalen open? Een plaat van Mama’s Jasje bereikt Nederland niet, hoeveel hemels mooie nummers daar ook op staan. Het zou fijn zijn als mijn boek de deur wat kan openzetten. Ik kan me echt niet voorstellen dat je wél van Boudewijn de Groot kunt houden, maar niet van Zjef Vanuytsel of Wim De Craene. Die artiesten zitten toch dicht bij elkaar? Vanaf nu ben ik onbezoldigd en zelfbenoemd ambassadeur van het Vlaamse lied in Nederland (lacht).”

Ik heb de indruk dat Nederlandse media de interne markt heel erg afschermen. Vanuit het idee: er is al genoeg Nederlandstalige muziek in eigen land, die Vlamingen moeten we er niet nog eens bijnemen.

Voskuil: “Dat zou kunnen, ja. Er zijn haast geen Nederlandse radiostations die nieuwe muziek een kans geven: elke artiest wordt gereduceerd tot één of twee overbekende liedjes. Dat is zonde, want zo kom je toch niet tot een rijke muziekcultuur? Dan staan Vlaamse radio’s toch iets meer open voor vernieuwing. Ook al heb ik tijdens mijn research ontdekt dat ook daar wel wat strenge gatekeepers zijn die een en ander afblokken.”

Wat typeert de Vlaamse muziekwereld?

Voskuil: “Vlaanderen is veel kleiner, het is er veel harder knokken om aan de top te komen. Slechts enkele artiesten kunnen voltijds van hun muziek leven; de meesten nemen er projecten naast.”

“Aan alles merk ik wel dat de Vlaming een echte muziekliefhebber is. Ik kan ervan genieten als wielercommentatoren tijdens een wedstrijd plots verwijzen naar een liedjestekst. Op die manier geef je die liedjes door, generatie na generatie. Mijn boodschap aan Vlaanderen is: blijf dat koesteren. Het probleem in België is hetzelfde als in Nederland: populaire muziek wordt er nauwelijks bekeken als cultureel erfgoed. Theater, film en literatuur worden voorbeeldig bewaard en beschermd door musea, maar de popmuziek hangt er maar een beetje bij. Daarom pleit ik voor een muziekmuseum. Neem de bescherming van jullie muziekgeschiedenis serieus. Als jullie dat doen, dan kom ik in Vlaanderen wonen (lacht).”

De Vlamingen zullen je hartelijk verwelkomen!

Voskuil: “Dát is dus ook het leuke. Ik doe al dertig jaar interviews in Nederland. Globaal genomen moet je het bij de ontvangst stellen met een kopje koffie en een koekje. Na een uur wordt verwacht dat je naar huis gaat. Een van de eerste interviews die ik voor dit boek in Vlaanderen deed, was met Frans Ieven, die als producer, arrangeur en muzikant samenwerkte met onder anderen Zjef Vanuytsel, Jan De Wilde en de folkgroep Rum. Toen ik aanbelde, deed hij open met een keukenschort om en een pollepel in zijn handen. Ik dacht dat hij die avond gasten over de vloer zou krijgen voor een etentje. Al snel bleek dat hij voor mij stond te koken.”

Gebruiken Vlamingen het Nederlands als zangtaal anders?

Voskuil: “Geert Verdickt van Buurman zegt in mijn boek dat het antwoord in zijn songteksten tussen de regels te lezen is. Dat zette me aan het denken. Wij Nederlanders staan wereldwijd bekend om onze botte directheid. Vlamingen zijn toch iets diplomatieker. Dat in Vlaanderen de soep niet zo heet gegeten wordt als die wordt opgediend, is een verademing. Die volksaard zit ook in de liedjes. Vlaamse songs zijn over het algemeen associatiever. Filmischer. Ik heb echt het gevoel dat ik Vlaanderen beter heb leren kennen via de muziek.”

Wat vond je de mooiste ontdekkingen?

Voskuil: “Het nummer ‘Huisje 1 & 2’ van Lamp, Lazerus & Kris heb ik werkelijk grijsgedraaid. Ik was ook blij sommige verhalen te ontdekken. Zoals dat van Lieven Coppieters, die maar één plaat heeft gemaakt: Jus d’Orange. Hij kreeg het droomaanbod om als eerste Europese artiest te tekenen bij het legendarische Amerikaanse platenlabel Asylum, waarbij onder anderen Joni Mitchell en Tom Waits zaten. Maar net toen de opnames zouden starten, moest hij het leger in. Hij wendde schizofrenie voor om onder die dienstplicht uit te komen.”

“Het gevolg was wel dat hij zich niet optimaal voorbereid voelde voor de sessies. Hij belandde met het puikje van de Nederlandse sessiemuzikanten in de studio: daar was hij totaal van onder de indruk. Achteraf bleek dat wederzijds te zijn. Ik sprak die muzikanten en zij zijn vol lof over hem. Lieven is een onderschatte muzikant en songwriter die heel bescheiden is, wat hem nog sympathieker maakt. Uiteindelijk leverde hij een geweldige plaat af.”

“Lieven heeft nooit een opvolger gemaakt van Jus d’Orange, maar met het nummer ‘Neerhof’, dat steevast hoog scoort in allertijdenlijsten zoals de Lage Landenlijst op Radio 1, bereikte hij toch een zekere onsterfelijkheid.”

Peter Voskuil, Groot Vlaams liedboek. Kroniek van het Belgische Nederlandstalige lied 1960 – 2025, Uitgeverij Unieboek/Het Spectrum, 2026, 320 p.

Peter Van Dyck

Peter Van Dyck

Peter Van Dyck is journalist en tekstschrijver. Tussen 1989 en 2006 was hij muziekjournalist bij het jongerentijdschrift Joepie en het weekblad Knack Focus. Vandaag de dag holt hij niet langer de nieuwste hype achterna, maar bewandelt hij de fijnste paadjes van de popgeschiedenis.

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen

		WP_Hook Object
(
    [callbacks] => Array
        (
            [10] => Array
                (
                    [19966ywgc_custom_cart_product_image] => Array
                        (
                            [function] => Array
                                (
                                    [0] => YITH_YWGC_Cart_Checkout_Premium Object
                                        (
                                        )

                                    [1] => ywgc_custom_cart_product_image
                                )

                            [accepted_args] => 2
                        )

                    [spq_custom_data_cart_thumbnail] => Array
                        (
                            [function] => spq_custom_data_cart_thumbnail
                            [accepted_args] => 4
                        )

                )

        )

    [priorities:protected] => Array
        (
            [0] => 10
        )

    [iterations:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [current_priority:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [nesting_level:WP_Hook:private] => 0
    [doing_action:WP_Hook:private] => 
)