Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Publicaties

Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Hoe cultuur de herinnering aan de Watersnoodramp springlevend houdt
0 Reacties
© Watersnoodmuseum
© Watersnoodmuseum © Watersnoodmuseum
column Lotte Jensen
geschiedenis

Hoe cultuur de herinnering aan de Watersnoodramp springlevend houdt

Zeventig jaar geleden voltrok zich een van de ingrijpendste rampen uit de Nederlandse geschiedenis. Hoewel het land grotere overstromingen heeft gekend, blijft de Watersnoodramp van 1953 een ijkpunt. Dat heeft alles te maken met de levendige herinneringscultuur, schrijft historica Lotte Jensen.

Toen ik een jaar of twaalf was, las ik Oosterschelde windkracht 10 van Jan Terlouw. Ik weet nog goed dat het boek veel indruk op me maakte. Vooral het begin is spannend: er steekt een hevige storm op die uitmondt in een overstromingsramp. Drie dagen en drie nachten verblijft een van de hoofdpersonen, Henk, op een dak. Zijn zwangere vrouw Anne vreest voor zijn leven, maar hij wordt door twee jongens uit Oude Tonge gered.

Er zitten ook scènes in over bulderend geraas van water en heroïsche reddingsacties. Net als veel generatiegenoten maakte ik via de literatuur kennis met een van de ingrijpendste gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis: de Watersnoodramp van 1953.

Op 1 februari 2023 is het precies zeventig jaar geleden dat deze ramp plaatsvond. In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 braken op tal van plaatsen in Zuidwest-Nederland de dijken door met desastreuze gevolgen: 1.836 personen kwamen om het leven, duizenden mensen raakten op slag dakloos en de materiële schade was gigantisch.

De Watersnoodramp vormt een belangrijk ijkpunt in de Nederlandse geschiedenis: ze is opgenomen in de Canon van Nederland en behoort tot het vaste repertoire in het geschiedenisonderwijs. Hoewel zich op Nederlands grondgebied grotere overstromingen hebben voorgedaan – denk aan de Allerheiligenvloed van 1570, de Sint-Elisabethsvloed van 1421 of de Kerstvloed van 1717 ̶ is de Watersnoodramp uitgegroeid tot de ramp der rampen. De stormvloed van 1825, de Zuiderzeevloed van 1916 en de overstromingen in het Rivierengebied in 1926 zijn in de vergetelheid geraakt, maar de Watersnoodramp van 1953 kennen veel mensen nog wel. Hoe kan dat?

1.836 personen kwamen om het leven, duizenden mensen raakten op slag dakloos en de materiële schade was gigantisch

De verklaring is deels prozaïsch: 1953 is nog altijd de recentste grote watersnood die de Nederlanders hebben meegemaakt. Weliswaar moesten in 1995 250.000 mensen uit het rivierengebied worden geëvacueerd en in 2021 liep Valkenburg onder water, maar daarbij vielen geen dodelijke slachtoffers (in tegenstelling tot de buurlanden België en Duitsland).

Er is echter meer voor nodig om de tand des tijds te doorstaan: een levendige herinneringscultuur. Die krijgt vooral vorm in de media. Zolang journalisten, schrijvers, televisie- en documentairemakers aandacht aan een specifieke historische gebeurtenis besteden, wordt de belangstelling aangewakkerd. Op dat punt scoort de Watersnoodramp van 1953 goed, want geen enkele andere overstromingsramp heeft in de loop der tijd zoveel aandacht genereerd.

Culturele uitingen spelen daarbij een cruciale rol. Via monumenten, musea, liederen, tentoonstellingen, literatuur, fotoboeken, publieksactiviteiten, documentaires en films gaat de kennis over van generatie op generatie. Een journalist van de Provinciaalse Zeeuwse Courant vroeg mij onlangs of ik in het kader van deze zeventigste herdenking van de Watersnoodramp een top vijf van culturele uitingen wilde samenstellen. Na enige aarzeling – het suggereert ten onrechte dat er een hiërarchie bestaat – ging ik toch overstag.

Natuurlijk stond de roman van Jan Terlouw erin: talloze jeugdige lezers hebben zich via dit werk, dat in 1976 verscheen, een beeld van de Watersnoodramp gevormd. Het is maar liefst 37 keer herdrukt.

Verder noemde ik twee kunstwerken in Ouwerkerk: het nationale monument voor de Watersnoodramp en het schitterende multimediale Monument ‘1835+1’ dat zich in het Watersnoodmuseum bevindt. Beide monumenten dateren uit de eenentwintigste eeuw (2003 en 2009) en vormen een indrukwekkend eerbetoon aan de slachtoffers. Tot slot koos ik een gedicht van Gerrit Achterberg (‘Beelden van Zadkine’) en het herdenkingsboek De ramp, dat in een oplage van 675.000 exemplaren verscheen.

Zoveel waardevols bleef ongenoemd, van de roman De verdronkene (2005) van Margriet de Moor tot het lied ‘Hoe zou het met jou gaan’ (2019) van het cabaretduo Yentl en De Boer, waarin Yentl de ervaringen van haar eigen oma en opa tijdens de Watersnoodramp in Zeeland verwerkte. En dan is er natuurlijk nog de recente televisieserie Het water komt, waarin presentator Winfried Baaijens door Zeeland reist en nabestaanden interviewt. De documentaire trekt momenteel elke week ruim een miljoen kijkers.

Al deze culturele uitingen houden de herinnering aan de Watersnoodramp aan 1953 springlevend. Hoewel het boek van Jan Terlouw tegenwoordig niet zoveel meer wordt gelezen – literatuur is intussen verdrongen door andere media – koester ik een gesigneerd exemplaar in mijn kast. Dankzij deze roman ging een wereld voor me open.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met emma.reynaert@onserfdeel.be.