Deel artikel

Lees de hele reeks
geschiedenis, taal

Letterlijk: de Pacificatie van Gent uit 1576

8 november 1576 27 min. leestijd Verenigd in verschil

Van de oorspronkelijke tekst van de Pacificatie van Gent bestond nog geen volledige transcriptie. Tot nu: speciaal voor het themanummer van de lage landen transcribeerde historisch taalkundige Nicoline van der Sijs een fraai handschrift uit 1576 . Met de hulp van enkele medewerkers maakte ze twee versies van dit document van bijna vierduizend woorden: een letterlijke transcriptie en een aangepaste tekst met samenvattende passages in hedendaags Nederlands. Zo kan iedereen lezen wat er in dit historische verdrag werd afgesproken.

Er bestaan verschillende versies van de Pacificatietekst, en de tekst is op diverse manieren in alle provincies bekend gemaakt, maar als brontekst wordt over het algemeen uitgegaan van een prachtig gekalligrafeerde tekst die aanwezig is op het Nationaal Archief en waarvan hier afbeeldingen beschikbaar zijn.

Die tekst is enkele malen getranscribeerd, om te beginnen in 1919 door A.S. de Blécourt en N. Japikse in het Klein plakkaatboek van Nederland; die tekst is op internet beschikbaar. Ook de bundel Opstand en pacificatie in de Lage Landen, geredigeerd door L. de Poorter en gepubliceerd in 1976, bij de vierhonderste verjaardag van het verdrag, bevat een transcriptie. Beide transcripties blijken echter incompleet te zijn en ze volgen niet exact het origineel in het Nationaal Archief.

Voor het themanummer van de lage landen over 450 jaar Pacificatie van Gent hebben Tineke en Herman Wiltink in overleg met mij en met Ingrid Biesheuvel een nieuwe diplomatische transcriptie gemaakt van de bijna vierduizend woorden die de Pacificatietekst telt. Die transcriptie volgt in principe exact het originele handschrift; hierop is het artikel ‘De taal van de bevrediging’ gebaseerd. Die tekst is hier te lezen als pdf-bestand.

Van die diplomatische transcriptie heb ik vervolgens een kritisch-normaliserende transcriptie gemaakt, met kleine aanpassingen in de spelling, zodat de tekst beter aansluit bij het moderne taalgebruik en daardoor gemakkelijker leesbaar is voor een moderne lezer. Zo is het verschil tussen u en v, en tussen i en j in overeenstemming gebracht met het huidige taalgebruik: oueruallen uit het origineel wordt getranscribeerd als overvallen. Het originele nijet is gespeld als niet, en vuy voor de ui-klank in bijvoorbeeld vuytwysen is gespeld als uuy (uuytwysen).

Het hoofdlettergebruik is in overeenstemming gebracht met de moderne regels, afkortingen zijn stilzwijgend voluit geschreven, er is interpunctie toegevoegd, en het spatiegebruik is aangepast, soms door het weghalen van een spatie (daer up > daerup), soms door het toevoegen van een spatie (vanden > van den, ) en soms door het toevoegen van een apostrof en een spatie (tleven > ’t leven).

Ook de vormgeving van de tekst is enigszins aangepast: de koppen van een nieuw onderdeel of artikel, die in het origineel in de lopende tekst met een grotere letter zijn geschreven, zijn vet gezet op een nieuwe regel, terwijl de regeleindes uit het origineel zijn weergegeven als //.

Tot slot heb ik na ieder onderdeel van de Pacificatietekst (inleiding, artikelen, conclusie en ondertekening) korte samenvattingen in modern Nederlands toegevoegd, waarvoor René van Stipriaan nog enkele nuttige aanvullingen heeft gedaan. Die samenvatting staan cursief tussen vierkante haken.

De Pacificatie van Gent (transcriptie)

Allen den gheenen die dese jegenwoirdige letteren zullen sien ofte hooren lesen, saluyt. // Alsoe die landen van herwaertsovere dit lestleden negen ofte thien jaren doer d’inlandssche orloghe, hoochveerdige ende rigoureuse regieringe, moetwillicheyt, rovinge ende andere ongeregeltheden van de Spaengnaerden ende henne adherenten gevallen zyn in groote miserie ende alendicheyt, ende dat omme // daertegens te versiene ende te doen cesseren alle voirdere troublen, oppressien, ende armoeden van den voorseyde landen, by middele van eene vaste vrede ende pacificatie, hebben in de maendt van februario in ’t jaer xvc Lxxiiij gecommitteert ende vergadert geweest tot Breda commissarissen van Zijne Majesteyt ende van den heere // prince van Orangien, Staten van Hollandt, Zeelandt ende hunne geassocieerden, bij dewelcke geproponeert zijn geweest diversche middelen ende presentatien, dienende grootelick tot vorderinge van de voorseyde pacificatie, zoe en is nochtans daerup niet gevolcht die verhoopte vruchtbaerheyt. Maer ter contrarie, geduerende die hope van vertroostinge ende // middelen van goedertierenheyt van Zijne Majesteyt hebben die voorseyde Spaengnaerden hen dagelicx meer vervoordert, die arme onderzaten te overvallen, verderven ende in eewgen slavernie te bringen, sonder hen te vermyden diverssche mutinerye te maecken, heeren ende steden te dreygen ende vele plaetsen vyantlick inne te nemen, te rooven ende te branden, // daerdoer, naerdien zij by den gecommitteerde totten gouvernemente van den landen verclaert zijn geweest vyanden van Zijne Majesteyt ende van de gemeyne welvaert, die staten van herwaertsovere mit consente van den voorseyde gecommitteerden gedrongen zijn geweest die wapenen te nemen, ende daerbeneffens, om voorder d’eewighe // bederffenisse te verhueden, ende dat d’ingesetenen van allen dese Nederlanden in eenen vaste vrede ende accorde vereenicht wesende, gesamentlick souden doen vertrecken, die voorseyde Spaengnaerden ende hun aenhangeren lantscheijnders, ende die wederomme te stellen in ’t gebruyck van heuren oude rechten, previlegien, coustumen, ende vryheden, // mitz welcken neeringe ende welvaert in de zelve wederomme soude mogen keeren, soe is ’t dat, by voorgaende aggreatie van de voorseyde heeren, gecommitteert totten gouvernemente van den landen volgende den vredehandel, tot Breda begonst, ter eeren Gods ende ten dienste van Zijne Majesteyt tusschen die prelaten, eedelen, steden ende leden van Brabant, // Vlaenderen, Arthois, Henegauw, Valenchyn, Lille, Douay, Orchies, Namen, Dornick, Utrecht ende Mechelen, representerende die Staten van denzelven landen, ende den heere prince van Orangien, Staten van Hollandt, Zeelandt ende hunne geassocieerde, doer commissarissen over beyde zijden respectivelick gedeputeert, te weetene // d’eerwaerdige heeren, heere Jan van der Linden, abt van Sincte Geertruyden tot Loven; heere Gislain, abt van Sincte Pieters tot Gendt; heere Matheus, abt van Sincte Gislain, gecoren bisschop van Atrecht; heere Jan de Mol, heere van Oetingen; heere Franchois van Halewin, heere van Zwevegem, gouverneur ende capiteyn van Audenaerde, ende // commissaris totte vernieuwinge van de wetten van Vlaenderen; heere Kaerle van Gavre, heere van Frezin, ridders; heere Elbertus Leoninus, doctoer ende professeur in de rechten in de universiteyt van Loven; meester Peeter de Bevere, raedt van Zijne Majesteyt in Vlaenderen; ende heer Quintin du Pretz, hooft der schepenen in de stadt van Bergen in Henegauw; // mit Jan de Pennantz, raedt van Zijne Majesteyt ende meester van zijne Rekencamere in Brabant, gecommitteert voor henlieden eer. secretaris van wegen der voirnoemde Staten van Brabant, Vlaenderen, Henegauw, etc.; heere Philips van Marnicx, heere van Sincte Aldegonde; Arnould van Dorp, heere van Teempsche; Willem van Zuylen van Nyevelt, heere van Heeraertsberge, // schiltknapen; heere Adriaen van der Myle, docteur in de rechten ende raedt neffens Zijne Excellentien ende in den Raedt Provinciael van Hollandt; meester Cornelis die Coninck, licentiaet in de rechten ende mederaedt neffens Zijne Excellentie; meester Pauwels Buys, advocaet van den lande van Hollandt; meester Peeter de Rycke, bailliu van Vlissingen; // Anthonis van der Zickele, raedt van Zeelandt; ende Andries de Jonge, borgemeester van Middelburch; van wegen des voornoemde heer prince, Staten van Hollandt, Zeelandt ende geassocieerden, naer uuytwysen van hun commissien, in ’t eynde van desen geinsereert, dit jegenwoordich tractaet opgericht ende gemaect is, besluytende tusschen die voorseyde partijen ende landen eene eewige vaste vrede, verbant ende eenicheyt, onder die voerwaerden ende conditien hiernaer volgende.

[Omdat de hier gelegen gewesten de laatste negen of tien jaar veel geleden hebben onder het Spaanse regime en de gewesten een einde aan deze situatie wilden maken, zijn in februari 1575 [de tekst vermeldt abusievelijk 1574] commissarissen van Zijne Majesteit (de Spaanse koning, Filips II) en de prins van Oranje, de Staten van Holland en Zeeland en hun bondgenoten in Breda bijeengekomen om te onderhandelen over een duurzame vrede. Er zijn verschillende manieren besproken om tot die vrede te komen, maar in plaats van zich daaraan te houden hebben de Spanjaarden hun onderdrukking opgevoerd, waardoor de gewesten Brabant, Vlaanderen, Artesië, Henegouwen, Valenciennes, Rijsel, Douai, Orchies, Namen, Doornik, Utrecht, Mechelen, Holland en Zeeland en de prins van Oranje gedwongen waren verenigd de wapenen op te nemen om de Spanjaarden te verdrijven, om zo de oude rechten en vrijheden en de handel en welvaart te herstellen. Daarom zijn 19 (bij name genoemde) vertegenwoordigers van de gewesten en de prins van Oranje bijeengekomen en hebben de onderhavige overeenkomst opgesteld, waarin ze afspraken maken over eeuwigdurende vrede en eenheid, onder de volgende voorwaarden.]

Eerst dat alle offensien, injurien, misdaden ende beschadicheden, geschiet ter zaeken van den troublen tusschen den ingesetenen van de provincien die in dit jegenwoordich tractaet gecomprehendeert zijn, zoe waer ende in wat manieren // dattet zij, sullen vergeven, vergeten ende gehouden zijn als niet geschiet, sulcx dat ter oirsaecke van dien te geenen tyde mentie gemaect ofte yemandt aengesproicken en sal mogen worden.

[Ten eerste dat alle rebellie en opstand van de burgers van de genoemde gewesten tegen het Spaanse gezag wordt vergeven en vergeten en niemand erop wordt aangesproken.]

Dienvolgende beloven die voornoemde Staten van Brabant, Vlaendren, Henegauw etc. mitzgaders mijn heere prince, Staten van Hollandt ende Zeelandt mit hunnen // associeerden ongeveynsdelick ende in goeder trouwen van nu voortaen te onderhouden ende onder d’ingesetenen van den landen te doen onderhouden eene vaste ende onverbrekelicke vrintschap ende vrede, ende in sulcker vuegen elckandren t’allen tyden ende in alle occurrentien by te staene mit raedt ende daet, goet ende bloet, ende in sonderheyt om uuyte landen te verdryven ende daerenbuyten te houden die Spaensche soldaten ende andre uuytheemsche // ende vreempde, gepoocht hebbende uuyten wege van rechte die heeren ende eedelen ’t leven te benemen, den ryckdom van den lande t’hemwaerts te applicquieren, ende die gemeente voortz in eewige slavernye te bringen ende houden, omme ten welcken ende alle anders te furnieren, wes nodich wordt ter resistentie van den genen, die henlieden hierinne mitter daet souden willen contrarieren, die // voirnoemde bontgenoten ende geallieerde oick beloven hen bereet ende volveerdich te laten vinden t’allen nootlicke ende redelicke contributien ende impositien.

[Dienovereenkomstig onderhouden alle genoemde gewesten en hun inwoners voortaan een onverbrekelijke vriendschap en vrede, en ze staan elkaar bij, in het bijzonder om de Spaanse en vreemde troepen, die onrechtmatig deze gewesten leegroven en tot slavernij brengen, te verjagen, en verklaren zich bereid hiervoor de nodige steun, ook financieel, te leveren.]

Daerenbouen is geaccordeert dat terstont naer ’t vertreck van den Spaengnaerts ende heure adherenten, als alle zaecken in ruste ende verzeeckerheyt sullen zijn, zullen beyde de partien gehouden zyn te procureren ende // beneerstighen die convocatie ende vergaderinge van de Generale Staten, in der forme ende manieren als geschiet is ten tyde als wijlen hoochloflicker memorie Keizer Kaerle d’opdracht ende transport dede van dese Erfnederlanden in handen van Conincklycke Majesteyt onsen genadichsten heere, om te stellen ordene in de zaecken van den landen in ’t generael ende particulier, zoewel aengaende het fait ende exercitie // van den religien in Hollandt, Zeelant, Bommel ende geassocieerde plaetsen, restitutie van de stercten, artillerien, schepen ende andre saecken, den Coninck toebehoirende, geduerende den voorseyde troublen bij die van Hollandt ende Zeelant genomen, als anderssins, zoe ten dienste van Zijne Majesteyt, welvaert ende unie van de landen men sal bevinden te behoiren, waerinne noch van d’eene noch van d’andere // zijde eenich tegenseggen oft belet, dilay, noch uuytstel en sal mogen gedaen worden, niet meer ten opsiene van den ordinantien, uuytspraken ende resolutien die aldaer zullen geschien ende gegeven worden, dan in d’executie van dien, hoedanich die souden mogen wesen, waerinne beyde de partyen henlieden gantzelick ende ter goeder trouwen submitteren.

[Bovendien wordt afgesproken dat beide partijen (de Nederlandse gewesten en de Spaanse koning) na het vertrek van de Spanjaarden verplicht zijn de Staten-Generaal bijeen te roepen, zoals vroeger ten tijde van Karel V gebeurde, om orde op zaken te stellen over o.a. de godsdienstoefening in Holland en Zeeland en de teruggave van versterkingen, artillerie en schepen en andere zaken. Dit alles ten behoeve van de koning en de welvaart en unie van de gewesten, zonder enig uitstel.]

Dat van nu voortaen d’inwoonderen // ende onderzaten van d’een ende d’ander zijde van wat landen van herwaertsovere ofte ende in wat state, qualiteyt ofte conditie hy zij, over al sullen mogen hanteren, gaen ende keeren, woonen ende trafficqueren, coopmansche wyse ende anderssins, in alle vrydom ende verzeeckerheyt, welverstaende dat niet geoorloft oft toegelaten en zal zijn, die van Hollandt, Zeelandt ofte andere, van wat // lande, conditie ende qualiteyt dat hij zij, yet te attempteren herwertzovere, buyten die voorseyde landen van Hollandt, Zeelandt ende geassocieerde plaetzen, tegens die gemene ruste ende vrede, zunderlinge tegens die catholicke roomsche religie ende exercitie van dien, noch ijemanden tercausen van dien t’injurieren, irriteren mit woorden ofte mit wercken, noch mit gelijcke acten te scandalizeren, op pene // van gestraft te worden als perturbateurs van de gemene ruste, anderen ten exemple.

[Dat er voortaan vrij verkeer en vrije handel is voor inwoners binnen de gewesten, waarbij het de inwoners van Holland en Zeeland niet is toegestaan buiten hun eigen gewesten iets te ondernemen dat de rust en vrede verstoort, en in het bijzonder mogen ze belijders van het katholieke geloof niet beledigen.]

Ende opdat midlertyt nyemandt lichtelicke en stae tot eenigen begrype, captie ofte pericle, zullen alle placcaten, hiervoortyts gemaict ende gepubliceert op ’t stuck van heresie, mitzgaders die criminele ordinantie, by den hertoge van Alve gemaect ende gevolcht ende executie // van dien gesuspendeert worden, totdat by de Generale Staten anders daerup geordineert zij, welverstaende datter egheen scandael en gebeure in manieren voirseyt.

[En dat ondertussen alle plakkaten tegen de ketterij en de strafrechtelijke verordeningen van de hertog van Alva en de uitvoering daarvan worden geschorst, totdat de Staten-Generaal erover heeft beslist.]

Dat mijn heere die prince zal blyven admirael generael van der zee ende stadthouder van Zyne Majesteyt van Hollandt ende Zeelandt, Bommel ende andere geassocieerde plaetsen, om in als te // gebieden, zoe deselve jegenwoordelick doet, mitte selve officieren, justicieren, oft magistraten, sonder eenige veranderinge oft innovatie, tenzij by zijnen consente ende wille, ende dat over die steden ende plaetzen die Zijne Excellentie nu ter tyt is houdende, totdat by de Generale Staten naer ’t vertreck van den Spaengnaerden anderssins geordineert zij.

[Dat Willem van Oranje admiraal van de vloot en stadhouder van Holland en Zeeland blijft, met alle huidige officieren en magistraten, totdat de Staten-Generaal na het vertrek van de Spanjaarden anders beslist.]

Maer // belangende die steden ende plaetzen begrepen onder die commissie van Conincklycke Majesteyt, by hem ontfangen, die jegenwoordelick onder ’t gebiet ende gehoorsaemheyt van Zijnder Excellentie niet en staen, zal dit poinct geschorst blyven ter tyt ende wylen, tot deselve steden ende plaetzen, hen mitten anderen Staten gevoucht hebbende tot deser unie ende accord, Zijne Excellentie henlieden // zal gegeven hebben satisfactie op de poincten, daerinne zijlieden hen souden vinden geinteresseert onder zijn gouvernement, ’t zij ten opziene van d’exercitie van de religien oft anderssints, opdat de provincien niet gedemembreert en worden ende om alle twist ende tweedracht te schouwen.

[Maar voor de gewesten die momenteel niet onder het gezag van de prins van Oranje vallen, wordt hierover pas beslist nadat de gewesten tot een unie zijn samengevoegd en zij met de prins afspraken hebben gemaakt over de manier waarop het gezag en de godsdienstoefening uitgeoefend worden, opdat de gewesten niet onderling verdeeld raken.]

Ende en sullen midler tyt egeene placcaeten, mandementen, provisien // noch exploicten plaetze hebben in de voorseyde landen ende steden, by den voorseyde heere prince geregieert, dan die geene, by Zijne Excellentie ende by den Raede, magistraten oft officiers aldaer geapprobeert oft gedecerneert, sonder prejudicie van den toecommende tyde van den resorte van den Grooten Raede van Zijne Majesteyt.

[En er zullen geen plakkaten en bevelen in de door de prins geregeerde gewesten worden uitgevaardigd die niet zijn goedgekeurd door de prins en de gewestelijke ambtsdragers.]

Is mede ondersproicken dat alle gevangenen ter zaecken // van den vorleden troublen, namentlick die grave van Bossu, zullen vry ende los gelaten worden, sonder ranchoen te betalen, maer wel de vangenissecosten, ten ware nochtans dat die rantsoenen voor date van desen betaelt oft daervan overcommen ende geaccordeert waren.

[Voorts is overeengekomen dat alle krijgsgevangenen, in het bijzonder de graaf van Boussu, vrijgelaten worden zonder losgeld te betalen maar wel de gevangeniskosten, tenzij het losgeld al eerder was overeengekomen. (De graaf van Boussu, ofwel Maximiliaan van Hénin-Liétard, was van 1567 tot 1573 stadhouder van Holland en Utrecht en streed in die periode tegen de opstandige geuzen en Willem van Oranje. Na de door hem verloren slag op de Zuiderzee werd hij gevangengezet, en schaarde hij zich steeds meer achter de opstandelingen).]

Is voorts veraccordeert dat die voorseyde heer prince ende alle andere heeren, ridderen, eedelluyden, // particuliere personen ende ondersaten, van wat staete, qualiteyt, oft condicie die zijn, mitzgaders henlieden weduwen, douaigieren, kinderen ende erffgenamen van d’een ende d’ander zijden gerestitueert zijn in heurlieden goeden naeme, ende faeme, ende sullen oick mogen aenveerden ende die possessie aennemen van alle heure heerlicheden, goeden, prerogativen, actien ende credieten // die niet vercocht oft gealieneert en zijn, in sulcken staete als de voorseyde goederen nu jegenwoordich zijn, ende te dien effecte zijn alle deffaulten, contumacien, arresten, sententien, saisissementen ende executien, gegeven ende gedaen zichtent den aenvanck van den troublen in den jaere xvczessentzestich, soewel om zaecken van religie, als omme t’aennemen van den wapenen mit ’t gene // daer naer gevolcht is, gecasseert, gerevoceert, doot ende te niete gedaen, ende sullen deselve, mitzgaders alle scriftelicke proceduren, acten ende actitaten, te dien geschiet, vermelt ende in de registers geroyeert worden, sonder dat nodich zij hiertoe ander bescheet te nemen oft provisie te verwerfven dan dit jegenwoordich tractaet, nietjegenstaende eenige incorporatien, rechten, coustumen, // previlegien, prescripten, zoewel legale, conventionnele, costumiere als locale, noch eenige andere exceptien ter contrarien, diewelcke in dese ende in alle andere zaecken, den voorseyde troublen concernerende, zullen cesseren ende egeene steden hebben, totdien by desen, zoe verre als noot is, specialick gederogueert wesende, oick mede den rechte disponerende, dat generale derogatie niet en is // sonder precedente specificatie.

[Verder is bepaald dat de prins van Oranje en alle opstandelingen, samen met hun erfgenamen, eerherstel toekomt en al hun bezittingen en voorrechten terugkrijgen, voorzover deze niet zijn verkocht en in de staat waarin ze zich nu bevinden, en dat alle vorderingen en vonnissen over religieuze of militaire zaken, die sinds het begin van de onlusten in 1566 zijn uitgesproken, nietig worden verklaard.]

Welverstaende dat hier onder begrepen sullen zijn ende dit jegenwoordich benefitie genieten mijn genadichste vrouwe, die gesellenede des deurluchtichste Kurfurst van den Rhyn, eertyts achtergelaeten weduwe des heeren van Brederode, zoevele als aengaet Vianen ende andere goeden daer haer churfurstelicker genade, ofte actie van haer // hebbende, toegericht is.

[Met dien verstande dat deze regeling ook geldt voor de weduwe van Hendrik van Brederode (Amalia van Nieuwenaar), die Vianen en andere goederen waarop ze aanspraak maakt, terugkrijgt. (Hendrik van Brederode, ofwel de ‘Grote Geus’, was heer van o.a. Brederode en Vianen; hij bood op 5 april 1566 het eerste smeekschrift aan de Spaanse landvoogdes Margaretha van Parma aan, en overleed in 1568 in ballingschap.)]

Insgelicx sal hierinne begrepen wesen die grave van Bueren, zoevele aengaet die stadt, slot, ende lande van Bueren, om diezelfde by den voorseyde heere grave by vertrecke van garnisoene gebruyct te worden, als zijn eygen toebehoirte.

[Evenzo geldt deze regeling voor de graaf van Buren, die de stad, het kasteel en het land van Buren teugkrijgt. (De graaf van Buren, ofwel Filips Willem van Oranje, was de oudste zoon van Willem van Oranje; hij was in 1568 door de Spanjaarden ontvoerd en verbleef daarna dertig jaar als gijzelaar in Spanje).]

Ende sullen te niete gedaen, ende affgeworpen worden die pilaeren, tropheen, // inscriptien, ende andere teeckenen bij den hertoge van Alve gedaen rechten tot schande ende blamatie, zoe van de bovengenompde, als van allen anderen.

[En de beschamende zuilen, monumenten, inscripties en andere gedenktekens van de hertog van Alva zullen worden vernietigd.]

Aengaende die vruchten van den voirseyde heerlicheyden ende goeden, ’t verloop ende die vertachterheyden van de douaryen, tochten, pachten, cheynsen ende renten, zoe op den Coninck, landen, steden ende alle anderen // die voor date van desen verschenen ende nochtans niet betaelt oft ontfangen en zijn by Zijne Majesteyt, ofte zijns actie hebbende, die zal mogen elck in ’t zijne genieten ende ontfangen.

[Ieder mag de opbrengsten van de genoemde heerlijkheden en goederen, de renten en de achterstanden in de pachten en belastingen die dateren van voor deze overeenkomst, ontvangen en genieten, voor zover ze niet door de koning van Spanje zijn opgeëist.]

Welverstaende dat alle ’t gundt datter gevallen is, soewel van de voorseyde erfsgoeden, renten als andere goeden sichtent Sinct Jansmisse Lxxvj lestleden, zal blijven ten // proffyte van degene, hun recht hebbende, niettegenstaende dat daeraff bij den ontfanger van de confiscatien oft andere yet ontfangen oft geint ware, daer aff in alzulcken gevalle restitutie geschieden zal.

[Met dien verstande dat de opbrengsten vanaf 24 juni 1576 ten goede komen van de rechthebbende, die restitutie krijgt als er iets verbeurd is.]

Maer bij zoeverre eenige jaerscharen van de voorseyde pachten, renten oft ander incommen van ’s conincx wegen bij tytle van // confiscatie angeslagen ende geheven waren, soe wordt elck over gelycke jaerscharen vry, los ende quyte gehouden van de reele lasten ende opstal, uuyt zijne goeden gaende, so men oick t’allen zijden insgelicx vrij, los ende quyte gehouden zal zijn van alle renten, staende op de landen ende die goeden, die men mitz de voorleden troublen niet en heeft kunnen gebruycken, in alles // naer raete van den tyde dat ’t zelve belet ende ongebruyct uuyt oirzaken voorseyde gebuert is.

[Maar voor zover er door de Spaanse koning jaarlijkse belasting is geheven op de pacht, rente of ander inkomen, wordt die voor iedereen kwijtgescholden, en hetzelfde geldt voor de rente op land en goederen die men vanwege de onlusten niet heeft kunnen gebruiken.]

Nopende die huyscatheylen ende andere meublen, die aen beijde zijde te niete gedaen, vercocht oft anders gealieneert zijn, daer aff en zal nijemandt eenich verhael hebben.

[Op verloren gegaan of verkocht huisraad kan niemand rechten doen gelden.]

Ende aengaende die erffgoeden, cheynsen ende renten die bij // title van confiscatie vercocht oft gealieneert zijn, die Generale Staten sullen in elcke provincie ende uuyte Staeten van dezelve deputeren commissarissen, om kennisse te nemen van de zwaricheden, indien daer eenige vallen, om redelicke satisfactie te doen, zoewel aen de oude proprietarissen als aen de copers ende vercrygers van de voorseyde goeden ende renten, voor hun regres ende // evictie respectivelicken.

[De Staten-Generaal zullen in iedere provincie afgevaardigden laten inventariseren welke erfgoederen, belastingen en renten verbeurd zijn verklaard of verkocht, en zowel de oude eigenaren als de kopers een redelijke schadevergoeding geven.]

Van gelycken sal geschieden nopende ’t verloop van de personele renten ende obligatien ende alle andere pretensien, clachten ende doleantien, als die geinteresseerde ter oirsaecke van de troublen zullen namaels aen wederzijden willen intenteren ende voorts stellen, in wat manieren dattet zij.

[Hetzelfde geldt voor wat betreft persoonlijke rentes, obligaties en andere schuldvorderingen.]

Dat alle prelaten ende andere geestelicke personen, wiens abdien, stiften, fundatien // ende residentien buijten Hollandt ende Zeelandt gelegen ende nochtans binnen dezelve landen gegoet zijn, zullen wederomme commen in den eygendom ende in ’t gebruyck van de zelve heure goeden als vooren ten opsiene van de weerlicken.

[Alle prelaten en geestelijken wiens abdijen en residenties buiten Holland en Zeeland liggen maar die goederen hebben binnen deze gewesten, zullen die goederen terugkrijgen.]

Maer wat belangt den religieusen ende andere geestelicken die binnen de voorseyde twee provincien ende heure // associeerde geprofessyt oft geprebendeert ende daeruuyt gebleven oft getrocken zijn, gemerct dat den meestendeel van heure goeden gealieneert zijn, denselven sal men van nu voortaene verstrecken redelicke alimentatie neffens die geblevene, oft anders sal hen mede toegelaten worden ’t gebruyck van heure goeden, tot verkiesinge nochtans van den Staten, alles bij // provisie ende tot anderstont op hen vordere pretensien by de Generale Staten verordent zal wesen.

[Maar de geestelijken die binnen de twee genoemde gewesten gewijd zijn maar daaruit zijn vertrokken, zullen een redelijke vergoeding krijgen of ze krijgen het vruchtgebruik van hun goederen, naar keuze van de Staten, tot de Staten-Generaal anders besluit.]

Voorts is geaccordeert dat alle ghiften, exheredatien, ende andere dispositien, inter vivos vel causa mortis bij particuliere ende private personen gedaen, daerbij de gerechte erffgenamen ter zaecken van de voorseyde troublen oft van de religie van // heure gerechtige successie versteken, vermindert ende onterft zijn, uuyt crachte van desen gehouden sullen worden als gecasseert ende van geender weerden.

[Voorts is overeengekomen dat verbeurdverklaringen van rechthebbende erfgenamen nietig worden verklaard.]

Ende alsoe die van Hollandt ende Zeelandt, om die costen van der oirlogen beter te vervallen, alle specien van goudt ende zilvere ten hogen pryse gestelt hebben, die zij in andere prouincien niet // en souden kunnen sonder groot verlies uuytgeven, is besproicken dat die gedeputeerde van de Generale Staten ten eersten mogelicken zijnde, adviseren zullen om daerup te nemen eenen generalen voet, ten fyne dat den cours van de voorseyde munten eenvougdelick gestelt zij, alsoe nae als ’t doenlicken is, tot onderhoudenisse van deser unie ende van den gemeijnen coophandel // aen wederzijden.

[Er is afgesproken dat gedeputeerden van de Staten-Generaal de verschillende muntwaarden in de gewesten op elkaar afstemmen, ter bevordering van de eenheid en de handel.]

Voorts op ’t vertooch, gedaen by de gedeputeerde van Hollandt ende Zeelandt, ten fyne dat die Generaliteyt van allen den Nederlanden souden t’heuren laste nemen alle die schulden, die mijn heere de prince gecontracteert heeft, omme te doene zijne twee expeditien ende geweldige hertochten, ten welcken zoewel die van Hollandt // ende Zeelandt als die provincien ende steden, die hen in den lesten tocht overgaven, verbonden hebben gehadt, zoe zij seyden is ’t zelve poinct gestelt ende gelaten ter discretie ende determinatie van de Generale Staten, den welcken, alle zaecken geappaiseert zijnde, daervan rapport oft remonstrantie gedaen sal worden om dien aengaende sulcken regard genomen te worden als ’t // behoort.

[Voorts is afgesproken dat de schulden die de prins van Oranje gemaakt heeft voor zijn twee veldtochten (in 1568 en 1572) betaald worden door de Staten-Generaal.]

In dit gemeen accord ende pacificatie en sullen niet begrepen zijn, om te genieten ’t benefitie van dien, die landen, heerlicheden ende steden, houdende partie contrarie, totdat zij hen effectuelicken zullen gevoecht hebben mit deser confederatie, d’welck zij sullen mogen doen als ’t henlieden belieft.

[De gewesten die zich niet aansluiten bij dit verdrag en deze pacificatie, zullen hiervan niet profiteren totdat zij zich hebben aangesloten.]

Alle welcken tractaet ende vredehandel // naer rapport, aggreatie ende advoement, zoe van de heeren gecommitteerde totten gouvernement van den landen, als oick van den Staten derselver, eensamentlick van mijnen heere den prince, Staten van Hollandt, Zeelandt ende heure geassocieerde, upten viijsten novembris lestleden binnen der stadt Gendt eyntelicken besloten zijnde, want de voornoemde gedeputeerde uuijt crachte van heurluijder // commissie belooft ende hen verplicht hebben ’t zelffde in alle de voorseyde poincten ende articulen, oick mede alle ’t geene dat bij de voorseyde Generale Staten in ’t geene voorseyde ende anderssints gediffinieert ende geordonneert zal worden, onverbreeckelick t’observeren, t’onderhouden, ende volcomen, ende al ’t zelve over d’een ende d’ander zijde respectivelick te doen ratifieren, bezweren, teeckenen // ende bezegelen by den prelaten, eedelen, steden, ende andere leden van de voorseyde landen, sunderlinge oick by den heere prince voornoemd, zoewel in ’t generael als particulier.

[Nadat alle vertegenwoordigers op 8 november in Gent hun goedkeuring aan dit verdrag hebben gegeven, zullen zij zich aan alle artikelen houden en ze zullen het verdrag laten ratificeren door de bestuurders van de verschillende gewesten.]

Soe is ’t dat Zijne princelicke Excellentie, de Staten van Hollandt ende Zeelandt in desen, voor zoeveel des noot zij hem sterckmaeckende voor die van Bommel ende andere geassocieerden, ratificerende voorgoet vast // ende waerden houdende, ’t voorseyde tractaet in allen zijne poincten ende articlen belooft ende hem verbonden hebben, beloven ende verbinden hen by desen, te weeten Zijne Excellentie in princelicke woorden ende de Staten voornoemd bij goeden trouwe, eere, ende eedt d’articulen ende poincten van den voorseyde tractaet naer heure forme ende inhouden onverbreeckelick t’onderhouden ende te volcommen, oick in den onderhouden ende voleynden in ’t generael ende particulier. // Hebbende oick tot meerder approbatie ende vasticheyt, hier beneffens ende in desen gedaen, insereren als boven voorseyt, is heurluyder voornoemde gedeputeerde commissie, luydende als hier naer volcht.

[De prins van Oranje en de Staten van Holland en Zeeland beloven zich onverbrekelijk te houden aan alle artikelen van het contract, en wel in de volgende bewoordingen.]

Wy, Wilhelm, bij der gratien Gods, prince van Orangien, grave van Nassau, van Catzenellenbogen, van Vianden, van Dietz, van Bueren, van Leerdam, etc., heere ende baron van Breda, // van Diest, van Grimbergen, van Arlay, van Nozeroy, etc., Burchgrave van Antwerpen ende van Besanchon, stadthouder ende capiteyn generael over Hollandt, Zeelandt, Westvrieslandt ende Utrecht, mitzgaders de ridderschap, eedelen ende steden van Hollant ende Zeelant, representerende den Staten van denzelven landen, doen condt eenen yegelicken dat alzoe God almachtich uuyt sonderlinge genade gelieft heeft te presenteren de occasien // ende middelen, waerdeur de Nederlanden, de steden ende ingesetenen van dien, die deur de uuytheemsche Spaensche natie ende heurlieden tyrannische heerschappie over denselven landen eenige voirleden jaren tot noch toe in eene jammerlicke beroerte, twist, onvrede, ende binnenlantschen crych gebrocht ende gehouden zijn geweest, eenmael wederomme vereenicht, mitzgaders de oude vrientschap, neeringe ende welvaert onder die gemeijne ondersaten // der voorseyde landen gerestitueert, oick deselve landen voertaen in hunnen gerechticheden, vrydomme ende voirspoet gestyft ende gesterct souden mogen werden tot Gods eere, dienst des Conincklicke Majesteyts, rust ende welvaert van de ingesetenen deser landen, daertoe alle goede ondersaten ende liefhebbers des vaderlandts met recht hen aenbieden ende te meer thoonen bereijt, uuyt dien eenen iegelicken bekent ende openbaer is geworden den bosen Raedt ende // voornemen der voorseyde Spaengnaerden ende hunnen aenhangeren, als tenderende naer ’t lang gedult van heuren onderdruchelicke moetwille ten uuytersten tot geheele ruine, bederffenisse ende eewige slavernye van allen den Nederlantschen provincien ende den getrouwen ingesetenen van dien, daerinne dezelve alwyslick geschapen waren te geraecken, indien opt vertreck oft verdryven der Spaengnaerden ende heuren aenhangeren voor al ende by andere // behoirlicke remedie, sonderling van gemeender macht ende eendracht der Nederlanden, in tyts niet en werde versien, ende dat naer eenige vriendelicke interpellatien ende vermaningen by Zijne princelicke Excellentie ende de voornoemde Staten van Hollandt ende Zeelandt aen den anderen Provincien van dien deser aengaende gedaen, die prelaten, eedelen ende steden, representerende die Staten van Brabant, Vlaenderen ende andere provincien // daertoe schijnen beweecht ende gantschelick geneycht te zijn, indervougen dat omme de Nederlanden voorseyde welvaert, gerusticheyt ende eendracht te voirderen, Zyne Excellentie mitte voornoemde Staten ten wederzijde overcommen zijn met malcanderen te vergaderen ende in communicatie te treden, tevreden zijnde Syne Excellentie ende de Staten van Hollandt ende Zeelandt, vervangende ende hen sterck maeckende in desen voor die van Bommel ende alle anderen heuren // geassocieerden, tot dien eynde heuren gecommitteerde te zeynden tot zeeckeren daege binnen der stadt van Gendt.

[Wij, Willem, prins van Oranje (volgen alle titels) verkondigen aan iedereen dat de Nederlanden, die door de tirannieke Spaanse heerschappij in onrust en binnenlandse oorlog zijn geraakt, dankzij de genade van de almachtige God opnieuw verenigd zijn en de oude vriendschap, handel en welvaart is hersteld, en dat de inwoners, die door de instelling van de Raad van Beroerten begrepen dat de Spanjaarden van plan zijn de Nederlandse gewesten voor altijd in slavernij te brengen als ze niet tijdig worden verdreven, hebben ingezien dat de enige remedie ligt in eenheid en eendracht van de Nederlanden, en dat na een vriendelijk verzoek van de prins alle gewesten toegestemd hebben te vergaderen in Gent over de welvaart, rust en eendracht in de Nederlanden.]

Soe eest dat Zijne princelicke Excellentie mitzgaders de voornoemde Staten van Hollandt ende Zeelandt in der voorseyde qualiteyt gecommitteert hebben ende committeren midtz desen Jonckeren Philips van Marnicx, heere van Sincte Aldegonde; Arnould van Dorp, heere van Teemsche; Willem van Zuylen van Nieveldt, // heere van Heeraertsberge, schiltcnapen; heere Adriaen van der Mijle, docteur in de rechten ende raedt neffens Zijne Excellentie ende in den Raede Provinciael van Hollandt; meester Cornelis de Coninck, licentiaet in de rechten ende mederaedt neffens Zijne Excellentie; meester Pauwels Buys, advocaet van de lande van Hollandt; meester Pieter de Rycke, bailliu van Vlissingen; Anthonis van der Zickele, // raedt van Zeelandt; ende Andries de Jonge, burgemeester van Middelburch, omme van wegen ende uuyten naem derzelfden Zijne Excellentie ende Staten henlieden gesamentlick oft ’t meerdeel van hen te vinden in de voorseyde communicatie binnen der stadt Gendt, ende mitten voornoemde Staten van den andere Nederlantsche provincien ofte heurlieden wettelicke gedeputeerden aldaer verschynende te handelen, advyseren ende // besluyten, sulcx als zijlieden ten besten vrede, vrientschap, ende eenicheyt der voorseyde landen ende der ingesetenen van den, dienlick ende verderlick bevinden zullen, regard nemende opte voorgaende verclaringe ende deuchdelicke offre vanwegen Zijne Excellentie ende die voornoemde Staten van Hollandt ende Zeelandt mit heure geassocieerde, tot meermael ende bezonder in den lesten vredehandel mitte commissarissen van den // Coninck tot Breda, ende ’t gundt voirder aldaer opt ’t stuck van de pacificatie gehandelt ende gedaen mach zijn, waerop die voornoemde gecommitteerde sullen mogen voortvaren indien sulcx wordt vereyscht ofte noodt zij, gevende den voornoemde gecommitteerden oft ’t meerendeel van henlieden des niettemin ende voortz volcommen macht ende bevel generael ende speciael metten voornoemde Staten van den anderen provincien, in desen // te doene ende t’accorderen sulcx als eenichsins tot voirderinge ende verzeeckerheyt van ’t gemeyne beste, ende in zunderheyt tot wederstandt, krenckinge ende verdryvinge der voorseyde Spaengnaerden als algemeyne vyanden van ’t vaderlandt ende der gemeyne ruste geraetsaem ende oirberlick bevinden sullen, tot dien eynde oick met die van de andere provincien hen te verobligeren ende te verbinden onder alsulcke redelicke // conditien ende articulen als eenichsins behouden Godes eere zal connen oft mogen geschieden tot gerusticheyt ende welvaert der landen, belovende Zijne princelicke Excellentie ende de Staten van Hollandt ende Zeelandt voornoemd in trouwe ende eere overgoet, vast ende van waerden te houden ende voor zoeveel hen aengaet onwederroupelick ende onverbreeckelick t’onderhouden ende doen onderhouden, wes by denselffden heuren // gecommitteerden, als boven verhaelt, ende in ’t gundt voorseyde is, getracteert oft gehandelt sal worden, sonder daerjegens te doen ofte laten geschieden in eeniger wyse directelick ofte indirectelick, daervoir hen selven verbindende mits desen de personen ende de goeden van hen ende generalicken van allen den inwoonderen van Hollandt ende Zeelandt ende heuren geassocieerden jegenwoordich ende toecommende egheene uuytgesondert. //

[Derhalve hebben de prins van Oranje en de Staten van Holland en Zeeland Filips van Marnix van St-Aldegonde, Arend van Dorp, Willem van Zuylen van Nyevelt, Adriaan van der Myle, Cornelis de Coninck, Paulus Buys, Pieter de Rycke, Anthonis van de Zyckele en Andries de Jonghe afgevaardigd naar Gent om namens hen te overleggen en besluiten te nemen ter bevordering van de vrede, vriendschap en eenheid van de gewesten, in acht nemende het aanbod van de prins en de Staten tijdens de vredesonderhandelingen met de commissarissen van de Spaanse koning in Breda, met de volmacht alles te doen dat het algemeen belang dient en dat leidt tot het verdrijven van de Spanjaarden, en daarvoor banden aan te gaan met andere gewesten, waarbij ze de prins en de Staten van Holland en Zeeland beloven in alles het algemeen belang voorop te stellen.]

T’oirconden desen by Zijner Excellentie ende ter ordonnantie van den voornoemde Staten van Hollandt ende Zeelandt ondergeteeckent ende met heure segelen bevesticht. Gedaen tot Middelburch, den xijden octobris, ende tot Delff, den xiiijden septembris in ’t jaer xvc tzeuentich ende zesse. Ende was ondergeteyckent Guillem de Nassau. Noch laeger stondt gescreven: ten byzunderen van bevele van den Staten van Hollandt // onderteyckent C de Rechtere. Daer beneffens was noch gescreven: bij expresse bevele van den Staten des lants van Zeelandt, ondergeteyckent C. Taymont, ende bezegelt met drie uuythangende zegelen van roden wasse in dubbelde staerten. In kennisse desen mitte signatuere ende zegel van Zijne princelicke Excellentie bevesticht ende van wegen die ridderschap ende eedelen, mitzgaders bij den steden van Hollandt ende // Zeelandt, representerende den Staten ende leden van den zelven landen, gedaen, teyckenen ende zegelen respective mit heure secreten segelen den negen ende twintichsten novembris ende eenige andere navolgende dagen anno xvc tzeuentich zesse

[Met de prins van Oranje als getuige en op last van de Staten van Holland en Zeeland ondertekend te Middelburg, 12 oktober en te Delft, 15 september 1576. Ondertekend door Willem van Nassau, namens de Staten van Holland Coenraad de Rechtere, namens de Staten van Zeeland Cornelis Taymont. Bevestigd en bezegeld door de ridders, edelen en steden van Holland en Zeeland op 29 november en volgende 1576.]

Guillem de Nassau

Ter ordonnancie & van weegen de Ridderschap Staten van Hollandt

Otto van Egmondt

  1. v. Duivenvoorde, Eques Woudt

[getekend door Willem van Nassau, Otto van Egmond op laste van en namens de Hollandse ridders en Jacob van Duvenvoorde, ridder, heer van Warmond, Woude en Alkemade]

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende Raden der Stadt Dordrecht

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Delff

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Leyden

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Goude

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Rotterdam

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Gorinchem

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Alcmaer

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Hoorn

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Enchuysen

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Schiedam

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Brielle

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede Wourden

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede St Geertruidenberghe

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede Medenblick

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede Eedam

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede Monnickendam

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stede Purmereinde

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende regierders der Stadt Middelburch

Ter ordonnancie van den Burghmeesters ende Regierders der Stadt Veere

Ter ordonnancie van den Burghmeesters ende Regierders der Stadt Vlissingen

Ter ordonnancie van den Burgemeesters ende Regierders der Stadt Ziericzee

[Handtekeningen zijn niet leesbaar.]

Nicoline van der Sijs c Meertens Instituut

Nicoline van der Sijs

emeritus hoogleraar Historische taalkunde van het Nederlands in de digitale wereld aan de Radboud Universiteit en senior-onderzoeker bij het Instituut voor de Nederlandse Taal

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen

		WP_Hook Object
(
    [callbacks] => Array
        (
            [10] => Array
                (
                    [19824ywgc_custom_cart_product_image] => Array
                        (
                            [function] => Array
                                (
                                    [0] => YITH_YWGC_Cart_Checkout_Premium Object
                                        (
                                        )

                                    [1] => ywgc_custom_cart_product_image
                                )

                            [accepted_args] => 2
                        )

                    [spq_custom_data_cart_thumbnail] => Array
                        (
                            [function] => spq_custom_data_cart_thumbnail
                            [accepted_args] => 4
                        )

                )

        )

    [priorities:protected] => Array
        (
            [0] => 10
        )

    [iterations:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [current_priority:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [nesting_level:WP_Hook:private] => 0
    [doing_action:WP_Hook:private] => 
)