Deel artikel

literatuur, samenleving, taal

Jozef Deleu had de regie in eigen handen

21 oktober 2026 7 min. leestijd

Om zijn doelen te bereiken, legde Jozef een tomeloze inzet aan de dag – en een vleug humor. De redactie van de lage landen zwaait haar voormalige patron uit met een persoonlijke terugblik.

Jozef Deleu werd geboren in Roeselare op 20 april 1937. Hij was het jongste kind in een landbouwersgezin van zeven kinderen. Zijn vader was afkomstig uit Frans-Vlaanderen en was van huis uit Franstalig. Zijn moeder, Germaine Demyttenaere, kwam uit een zeer jansenistisch gezin uit Geluwe. De voertaal ten huize Deleu-Demyttenaere was het Nederlands – vader Deleu heeft het altijd met een zwaar accent gesproken. Toen hij op rust was, verslond hij alle boeken uit de plaatselijke bibliotheek, eerst de Franse, daarna de Vlaamse romans. Zonder twijfel heeft hij zo de literaire belangstelling van zijn jongste zoon beïnvloed.

Jozef Deleu volgde lager onderwijs in een wijkschooltje in de buurt van Roeselare, maar halfweg 1949, in zijn eerste jaar van het middelbaar onderwijs, verhuisden zijn ouders naar Rekkem, naar een andere boerderij. Jozef vervolgde zijn humaniora, de eerste jaren in het Frans, aan het St.-Jozefcollege in Moeskroen. Tot hij oud genoeg was om de studies van onderwijzer aan te vatten, aan de normaalschool van Torhout (tegenwoordig Vives Torhout).

Deleu behaalde in 1956 zijn onderwijzersdiploma en in hetzelfde jaar ook zijn onderwijsakte in het Frans. Van 1956 tot 1970 was hij werkzaam als onderwijzer, eerst als titularis van het “septième préparatoire” in het St.-Jozefcollege in Moeskroen en van 1960 tot 1970 in het “zevende voorbereidende jaar” in het St-Aloysiuscollege in Menen. Hij huwde in 1960 met Annemarie Deblaere.

De grootste bedelaar van Vlaanderen

Als jonge student schreef hij al poëzie. Hij stuurde die ter beoordeling aan de enige auteur met een zekere reputatie die hij in zijn streek kende: André Demedts uit Kortrijk. Die reageerde op zijn gedichten – hij beoordeelde ze en gaf de jonge dichter raad. Op 19 december 1956 ontving Deleu een brief. Daarin schrijft Demedts dat hij op zoek is naar iemand die in de nabijheid van de grens woont en “die de leiding wil nemen over een kleine groep Vlaamse jongens uit Vlaanderen en Frans-Vlaanderen, de eerste kern van een Vlaamse jeugdbeweging (buiten alle politiek natuurlijk!) in Frans-Vlaanderen”. “Als we daarin slagen, schrijft Demedts, zouden wij de uitgave van een klein jeugdblad, te verschijnen in Frankrijk, in overweging nemen”. “Als u dat niets zegt,” vervolgt Demedts, “kom ik er niet meer op terug.”

Het zei Deleu wel iets. Hij begon onmiddellijk samen met zijn vrienden van de Rekkemse studentenclub ’t Can aan de voorbereiding van het eerste nummer van het tijdschrift, dat in augustus 1957 verscheen en in het begin de tweetalige titel Ons Erfdeel – Notre Patrimoine droeg.

Dankzij de ongebreidelde inzet van Deleu groeide het tijdschrift heel snel. Vanaf het tweede nummer was het, door de intrede van enkele Nederlandse redacteurs, ook niet uitsluitend meer aan Frans-Vlaanderen gewijd. Onderwerpen uit het hele Nederlandse taalgebied kwamen aan bod. Deleu wist een reeks prominente figuren uit de culturele wereld in Vlaanderen en Nederland rond het blad te verenigen. Bij het verschijnen van het eerste nummer van de dertiende jaargang kon de lezer worden meegedeeld dat de oplage de tienduizend exemplaren had bereikt.

Tot dan werd het blad volledig ten huize Deleu gemaakt – zijn echtgenote Annemarie verzorgde jarenlang de administratie. Het succes groeide hen boven het hoofd en daarom besloot Deleu om het tijdschrift verder te professionaliseren. In 1970 werd de Stichting Ons Erfdeel opgericht. Deleu ruilde de veilige omgeving van het onderwijs in voor een onzeker bestaan in de culturele wereld.

Sommigen vonden dat hij, als vader van drie jonge kinderen, een onverantwoord risico nam. Maar Jozef liet zich niet snel afschrikken. Hij wist zeer goed waarvoor hij stond, elke stap die hij zette was goed voorbereid en hij was bereid om zeer hard te werken om van de Stichting Ons Erfdeel een succes te maken. Hij wist zich te omringen met invloedrijke mensen uit Vlaanderen en Nederland die niet alleen de doelstellingen van de stichting steunden, maar die vooral vertrouwen hadden in de werkkracht van Jozef Deleu.

En die was groot. Jarenlang ging hij in Vlaanderen en Nederland geld schooien voor zijn stichting. Hij noemde zichzelf soms “de grootste bedelaar van Vlaanderen”. De doelstellingen van Ons Erfdeel vzw waren: “de culturele samenwerking tussen de Nederlandssprekenden bevorderen en de cultuur van Vlaanderen en Nederland in het buitenland bevorderen”. Om die laatste ambitie te verwezenlijken, richtte hij in 1972 het tijdschrift Septentrion, arts, lettres et culture de Frandre et de Pays-Bas op. In 1976 volgde dan het tweetalige jaarboek De Franse Nederlanden/Les Pays-Bas français en in 1993 het jaarboek The Low Countries.

Ons Erfdeel vzw, dat begon als een klein privé-initiatief, groeide langzaamaan uit tot een echte onderneming met een eigen kantoor in Rekkem en verschillende personeelsleden vast in dienst. Jozef was een, om zichzelf te citeren, “rusteloze en veeleisende patron”. Hij kon hard zijn en had een grondige hekel aan mensen die niet precies uitvoerden wat was afgesproken, maar anderzijds was hij ook dankbaar voor het geleverde werk. Jozef had het nooit over zijn personeel, maar altijd over zijn collega’s.

Als ondernemer was hij voorzichtig, soms zelfs aarzelend, met nogal wat argwaan voor nieuwe trends, maar hij was altijd erg goed voorbereid en doortastend indien nodig. Zowel voor de verschillende redacties als voor de Raad van Bestuur wist hij altijd mensen te engageren die een belangrijke bijdrage konden leveren aan de werkzaamheden van Ons Erfdeel vzw. De afgelegen ligging van het kantoor in Rekkem speelde hij ook als een troef uit. Vele belangrijke personen maakten de “pelgrimstocht naar de schreve”: vooraanstaande auteurs, academici, ambassadeurs, politici van allerlei overtuigingen, zelfs verschillende koninklijke hoogheden.

Geen compromissen

Deleu was ook buiten Ons Erfdeel actief. Hij bleef mondjesmaat publiceren: poëzie, novellen, verhalen, essays. Bij het grote publiek is hij vermoedelijk vooral bekend voor zijn in 1976 voor het eerst gepubliceerde Groot Gezinsverzenboek, een bloemlezing met poëzie in het Nederlands. In 2021 verscheen de negentiende editie onder de titel Nieuw Groot Verzenboek. Gedichten over leven, liefde en dood. Het boek is uitgegroeid tot een referentiewerk voor de Nederlandstalige poëzie. Daarnaast publiceerde hij een achttal eigen dichtbundels en in 2007 verscheen een keuze uit zijn eigen poëzie.

Deleu kreeg ook naam als een vrijmoedige, provocerende en bevlogen cultuurpoliticus. Die reputatie verwierf hij voornamelijk door de toespraken die hij op verschillende momenten hield. Negen daarvan werden in 1993 gebundeld onder de titel De pleinvrees der kanunniken. Het was de titel van een lezing die hij in 1985 in Antwerpen hield. Die maakte grote indruk.

Deleu ergerde zich aan een toenemende neiging tot zelfgenoegzaamheid en bekrompenheid in een zelfstandiger wordend Vlaanderen en hij was bijzonder kritisch voor wat hij een gebrek aan cultureel beleid noemde. Vlaamse intellectuelen waren naar zijn mening te weinig kritisch en gaven toe aan de gewoonten van de gemakkelijke consumptiemaatschappij. Ze speelden nauwelijks hun rebelse rol als bijsturende commentatoren van het beleid.

Zijn lezingen toonden Deleu als een “harde”, strijdbare figuur, die bereid was te vechten voor zijn idealen zonder compromissen te willen sluiten. Hij ging in tegen de stroom en was niet bang om vijanden te maken. Dat beeld, van de onafhankelijke, kritische cultuurpoliticus, wordt bevestigd in het boek Monologen met Jozef Deleu dat toenmalig journalist Filip Rogiers in 1993 samenstelde. In 2017 bundelde Hans Vandevoorde in het boek Hoe Vlaming te zijn? vier teksten van Jozef Deleu en twee van August Vermeylen. Beide auteurs houden volgens Vandevoorde “Vlaanderen een krachtig emancipatorisch ideaal voor”.

Dat Deleu een grote pleitbezorger was van de Vlaams-Nederlandse samenwerking is duidelijk. Hij was overigens ook een van de eersten die de romantische integratiegedachte liet varen en ze verving door meer pragmatische culturele samenwerking. Deleu was lid van de Raad Nederlandse Taal en Letteren van de Taalunie (1984-1997 en 2007-2012), lid van de Commissie Cultureel Verdrag Vlaanderen-Nederland (1998-2006), bestuurslid van het Genootschap Onze Taal (1992-1998) en van het Vlaams-Nederlands Huis deBuren in Brussel (2004-2012). Van 2005 tot 2014 zetelde hij namens de Vlaamse sociaaldemocraten in de raad van bestuur van de VRT.

Deleu was ook een van de vier leden van de redactie van de eerste editie van de Encyclopedie van de Vlaamse Beweging (1973-1975), waartoe hij met journalist Gaston Durnez het initiatief nam.

Grafschrift

Voor zijn werk ontving Deleu tal van prijzen, zoals de Orde van de Vlaamse Leeuw (1972), een eredoctoraat van de Universiteit Gent (1994), de penning van de Nederlandse Taalunie (1996), de Prijs van de Vlaamse Regering (2002), de Arkprijs van het Vrije Woord (2020) en de Taalpenning van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren (2023), maar ook meerdere Franse en een Nederlandse onderscheiding en – samen met Jeroen Brouwers (1940-2022) – de Prijs voor Vlaams-Nederlandse Culturele Samenwerking (2009). Jozef Deleu is ook ereburger van de stad Menen. Er werd hem ooit een adellijke titel aangeboden, maar hij bedankte voor de eer.

In 2002 ging Jozef Deleu met pensioen als afgevaardigd bestuurder en hoofdredacteur van Ons Erfdeel vzw. Wie dacht dat hij nu wel zou genieten van zijn verdiende rust, kent hem niet goed. In 2003 richtte hij een nieuw poëzietijdschrift op, Het Liegend Konijn. Hiermee verwezenlijkte hij een droom die hij al lang koesterde, maar die hij in het kader van Ons Erfdeel vzw moeilijk kon realiseren. Het blad was uitsluitend aan poëzie gewijd en nam enkel gedichten (geen interviews en beschouwingen) op. Deleu was de enige redacteur. In de 22 jaar dat het blad heeft bestaan, groeide het uit tot de referentie voor poëzie in Vlaanderen en Nederland. Zo bleef Jozef Deleu eigenhandig de poëzie op de kaart zetten.

Wie Deleu in een woord wil samenvatten, kiest wellicht het best “onafhankelijk”. Hij heeft zijn hele leven de regie van zijn bestaan in eigen handen gehouden. Onafhankelijkheid, en vooral politieke onafhankelijkheid, was een van zijn basisprincipes. Daarnaast was dat de samenwerking met Nederland, want de Vlaamse culturele vijver was volgens hem veel te klein. Dankzij de samenwerking met Nederland kon je veel hogere kwaliteitseisen stellen. En tenslotte moesten wij de Nederlandse cultuur zoveel mogelijk zelf presenteren aan de drie grote taalgebieden die ons omringen.

In 1982, bij de vijfentwintigste verjaardag van het tijdschrift Ons Erfdeel (nu de lage landen) publiceerde Deleu Het Roddelgraf, een klein boekje in een oplage van vijfentwintig exemplaren. Het boekje bevat grafschriften voor de leden van de toenmalige redactie. Zijn eigen grafschrift werd geschreven door zijn Nederlandse vriend en bondgenoot Frits Niessen:

Hier rust Deleu
Un peu, un peu.

Keuze uit de gebruikte bronnen:

Eigen archief
Anne Marie Musschoot, Jozef Deleu, VWS-Cahiers, jrg. 36, nr. 3, mei-juni 2001.
Van Nu & Toen. Staalkaart van artikelen uit Ons Erfdeel, Ons Erfdeel vzw, Rekkem, 1990.
Jozef Deleu, De pleinvrees der kanunniken, Uitgeverij Kritak, Leuven, 1987.
Hans Vandevoorde, Hoe Vlaming te zijn? Zes teksten van August Vermeylen – Jozef Deleu, Polis, 2017, p. 176
Het Roddelgraf. Grafschriftenorgaan redactie, Ons Erfdeel, Rekkem, 1982.

Geef een reactie

Lees ook

		WP_Hook Object
(
    [callbacks] => Array
        (
            [10] => Array
                (
                    [20324ywgc_custom_cart_product_image] => Array
                        (
                            [function] => Array
                                (
                                    [0] => YITH_YWGC_Cart_Checkout_Premium Object
                                        (
                                        )

                                    [1] => ywgc_custom_cart_product_image
                                )

                            [accepted_args] => 2
                        )

                    [spq_custom_data_cart_thumbnail] => Array
                        (
                            [function] => spq_custom_data_cart_thumbnail
                            [accepted_args] => 4
                        )

                )

        )

    [priorities:protected] => Array
        (
            [0] => 10
        )

    [iterations:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [current_priority:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [nesting_level:WP_Hook:private] => 0
    [doing_action:WP_Hook:private] => 
)