‘Men vindt vandaag veel verwaande incapabelen die vrouwen graag naar beneden sabelen’ – Johanna Hobius hertaald door Maud Vanhauwaert
Voor Historische Klassiekers, de Fixdit-podcast over vroegmoderne vrouwelijke schrijvers, hertaalde Maud Vanhauwaert de zeventiende-eeuwse Johanna Hobius. Hier lees je een fragment uit Het Lof der Vrouwen met toelichting door Fleur Speet.
Kom hier, ja ieder die zo graag de vrouw veracht!
Het is op deze vraag dat ik een antwoord verwacht:
is het eigenlijk uit onwetendheid dat u zwetst,
of is het met opzet dat u de vrouwen kwetst?
Men vindt vandaag veel verwaande incapabelen
die vrouwen graag naar beneden sabelen.
Ze zeggen dat ze van wijsheid is beroofd
en dat er geen verstand zit in haar hoofd.
Dat ze te bot is, dom, losbandig en lichtvaardig;
ze achten haar helemaal niets waardig.
Ze kramen van alles uit wat haar lof bedekt
en spreken nooit een woord dat tot haar voordeel strekt.
Zij roepen: ‘O, door haar is onze val gekomen,
de vrucht, die God verbood, heeft Eva eerst genomen
en ze gaf die aan de man.’ ’t Is waar, hier was ze zwak,
maar vraag is of er meer verstand in Adam stak.
De vrouw zei nog eens: ‘Dit zijn verboden vruchten,
wie hiervan eet kan niet meer vluchten.’
(…)
Veracht jij haar, als je weet: God vond haar zoveel waard
dat hij het goed vond dat Zijn zoon door haar werd gebaard?
Het is een zeldzaam groot wonder, maar waarachtig,
wonderlijk geschapen, door God allemachtig.
Hij heeft Christus, God en mens, op de aarde gebracht,
gebaard door een maagd, door Gods grote kracht.
Hierdoor werd het vrouwelijk geslacht hoog verheven
en het Serpent bestreden, zoals het staat beschreven
en als dat alles u nog niet overtuigt
vertel ik hoe Christus haar zijn liefde heeft betuigd:
Nadat hij door mannen ter dood was gebracht
vond hij op de derde dag toch weer levenskracht
en aan wie heeft hij zich toen als eerste getoond?
Aan een vrouw! Hij heeft haar met die eer gekroond!
(…)
Verachters van onze eer, wat zal uw oordeel wezen
nadat u dit kleine gedicht hebt gelezen
dat aantoont, al is het misschien niet goed geschreven
dat sommige vrouwen door wijsheid zijn verheven?
Is een verstandige vrouw niet een gave van de Heer?
Zij is het zonnetje thuis en houdt haar man in eer.
(…)
Door haar verstand zal men ook haar man prijzen;
men zal in de raad en in ’t openbaar naar hem wijzen.
Zij opent haar mond vol kennis en verstand,
en blinkt uit in haar deugden, als een diamant.
Met haar wijsheid kan je een huis vol vrede bouwen.
Haar man mag helemaal op haar vertrouwen.
Eenmaal zij hem kracht en glorie heeft geschonken
kan de man met zijn vrouw gaan pronken.
Wat heeft een echte man nu liever op deze aarde
dan een deugdzame vrouw? Die houdt hem in waarde,
versiert het huis, zorgt voor de was en de vaat
en voor zijn hart is zij een troost en toeverlaat.
Mannen mogen gerust streven naar hun eigen lof
maar haal alsjeblieft de vrouwen niet door ’t stof.
Verhef uw verstand, maar kraak niet haar naam
en schrijf haar niet toe, zoveel lasterlijke faam.
(…)
© Vera Anna Mae Polkamp / Noortje Palmers
Herbeleving
Johanna Hobius’ Vrouwenlof (1643) is een lofzang op geleerde en deugdzame vrouwen, geschreven in het midden van de zeventiende eeuw, toen de positie van de vrouw weer ter discussie stond. Johanna Hobius (1614-1643) doet mee aan de querelle des femmes, waarin mannen en vrouwen discussiëren over de waarde en mogelijkheden van de vrouw. Dat debat gaat terug tot Boccaccio en Christine de Pisan, waarnaar Johanna Hobius verwijst. Ze bevraagt ook de schuld van Eva, de traditionele zondebok: was Adam als hoofd van het huwelijk niet de schuldige? Met voorzichtige, bescheiden vragen verwerkt ze haar kritiek. Door zichzelf te plaatsen naast geleerde dichters als Anna Roemers en Anna Maria van Schurman laat Hobius zien dat vrouwen niet enkel braaf zijn, maar ook wijs, actief en moreel sterk. Ondertussen plaatst ze zichzelf zo ingenieus in een traditie van schrijvende vrouwen.
Maud Vanhauwaert volgt Hobius’ geest heel precies. Ze behoudt het rijm en hertaalt scherp en direct, zoals in: “Kom hier, ja ieder die zo graag de vrouw veracht!” De retorische vragen en ethische kracht blijven daardoor intact, terwijl ze de taal voor een modern publiek toegankelijk maakt. Vanhauwaert houdt ook Hobius’ subtiele ironie overeind, maar maakt tegelijk de spagaat voelbaar waarin Hobius zich bevindt: gehoorzaamheid aan de man én intellectuele zelfverzekerdheid.
Vanhauwaerts uitdaging was tweeledig: enerzijds Hobius’ gedachten trouw weergeven, anderzijds de tekst zo hertalen dat hedendaagse lezers de paradoxen en spanningen herkennen: “Verhef uw verstand, maar kraak niet haar naam.” De hertaling is daardoor eigenlijk geen modernisering, maar een herbeleving. Vanhauwaert respecteert de historische context waarin vrouwen zich moesten conformeren om gehoord te worden. En juist daarmee toont ze heel historisch aan dat eeuwenoude argumenten over vrouwenmacht en -verstand hun kracht behouden, al is de context veranderd. (Fleur Speet)











Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.