‘We moeten de mannelijke norm loslaten’ – Fleur Speet en Gaea Schoeters over vrouwelijke schrijvers in de canon
Dat vrouwen vroeger literair minder presteerden dan mannen is een hardnekkig misverstand: ze waren vaak vernieuwers, hadden veel lezers en kregen ruime waardering. Schrijverscollectief Fixdit pleit voor een drastische herziening van de literatuurgeschiedenis. Een gesprek met Fleur Speet en Gaea Schoeters. ‘Hopelijk verdwijnt het verschil in waardering tussen literatuur door mannen en vrouwen.’
De afgelopen jaren maakte Fixdit naam als voorvechter van meer genderdiversiteit in de letteren. Met acties, essays, open brieven en gesprekken wil het schrijverscollectief het bewustzijn over deze ongelijkheid vergroten en de canon uitbreiden met werk van belangrijke vrouwelijke auteurs. Onder anderen Joke van Leeuwen, Jannah Loontjens, Christine Otten, Shantie Singh, Tessa Leuwsha, Rachida Lamrabet en Manon Uphoff zijn aangesloten bij het collectief.
De nieuwste loot aan de stam is de podcastserie Historische Klassiekers, over onmisbare teksten van vrouwen uit het Nederlands taalgebied die tussen 1500 en 1800 werden gepubliceerd. Het initiatief voor deze serie lag bij Fleur Speet (1971), recensent voor verschillende dag- en weekbladen en jurylid van diverse literaire prijzen. Ze doet wetenschappelijk onderzoek naar de zeventiende-eeuwse auteur Tesselschade Roemers. Tijdens ons gesprek wordt zij bijgestaan door schrijver Gaea Schoeters (1976), die met Het geschenk kans maakt op de Boon Literatuurprijs en net als Speet aangesloten is bij Fixdit. Schoeters brengt regelmatig odes aan vergeten vrouwen, onder meer met haar Dead Ladies Show.
Fleur Speet, lid van Fixdit en initiatiefnemer van de podcast Historische Klassiekers: ‘Vrouwen zouden vaak onnodig gedetailleerd en wijdlopig schrijven, terwijl mannen uitblinken in overzicht en beknoptheid. Kracht, ratio en agressie worden geprefereerd boven emotie, zachtheid en tederheid’ © Hanje Koster
Waarom is Fixdit dit project gestart?
Speet: “Historische Klassiekers is de opvolger van Moderne Klassiekers, een soortgelijke podcastreeks, maar dan over auteurs uit de twintigste eeuw. Ook in die periode waren vrouwelijke schrijvers heel succesvol, maar werden ze vervolgens uitgewist. Nog altijd leven veel mensen in de veronderstelling dat mannen vroeger nu eenmaal meer schreven dan vrouwen, terwijl dat niet klopt. Daarom besloten we een opvolger te maken, die gericht is op de zestiende, zeventiende en achttiende eeuw.”
Hoe kan het dat vrouwelijke auteurs telkens weer worden overgeslagen?
Schoeters: “In alle disciplines – van kunst tot wiskunde, van filosofie tot muziek – zien we dat veel vrouwen zijn weggedrukt, terwijl zij ontzettend belangrijk werk hebben verricht: ze deden allerlei nieuwe ontdekkingen en hadden veel succes.”
Speet: “De geschiedenis van vrouwen gaat in golfbewegingen: om de zoveel decennia vinden omslagen in het denken plaats. Neem de opkomst van de hermeneutiek, het bestuderen van de Bijbel door Erasmus, waarmee ook de positie van de vrouw opeens ter discussie werd gesteld. Deze querelle des femmes zorgde voor emancipatie. Naarmate de rol van vrouwen groeit, zwelt echter ook de misogyne tegenstem meteen aan, die in de maatschappij veel sterker resoneert omdat die aansluit bij de heersende norm.”
“Dit proces hebben we in de loop der eeuwen talloze keren doorgemaakt. Van Christine de Pisan tot Petronella Moens: allemaal waren zij onderdeel van zo’n feministische golf. Vrouwelijke schrijvers steken elkaar ook aan: zien schrijven doet schrijven. Dat merk je bij het verschijnen van het verzameld werk van Katharina Lescailje in 1731: meteen pakken allemaal vrouwen de pen op. Tijdens oorlogen is de ruimte voor vrouwen vaak groter: dan zijn de mannen naar het front. Maar wanneer die terugkeren, wordt de vrouwenbeweging weer de kop in gedrukt.”
Wat zegt het feit dat vrouwen telkens weer worden weggeduwd over de manier waarop we het verleden beschrijven?
Speet: “Literatuurgeschiedenissen zijn vaak gebaseerd op radicale vernieuwers, op strijd. Mannelijke schrijversclubs, zoals de Tachtigers, zetten zich tegen de vorige generatie af. Vrouwen zijn zelden onderdeel van zo’n kliek, en gaan ook veel meer hun eigen weg.”
Schoeters: “Bovendien krijgen mannen meer ruimte om zulke experimenten aan te gaan: ook wanneer ze grandioos mislukken, wordt dat als ambitieus gezien. Vrouwen worden na één gefaald experiment afgeserveerd. Daardoor bleven zij de afgelopen eeuwen altijd voorzichtiger werken.”
Gaea Schoeters, schrijver en lid van Fixdit: ‘Eindelijk maken meer vrouwen kans op literaire prijzen, en meteen horen we van mannen de vraag of hun boeken nu worden gediscrimineerd’ © Annelies Van Parys
Zien we die bewegingen vandaag nog?
Schoeters: “Elke emancipatiegolf krijgt last van een terugslag. Dus ja, als reactie op #MeToo ontstaat druk op onze abortusrechten. Wat in een halve eeuw emancipatie is verwezenlijkt, wordt nu in rap tempo teruggedraaid. We zijn nog lang niet gelijk, en toch leeft onder mannen de angst dat de wokebeweging te sterk is doorgeslagen. Zelfs als vrouwen in de minderheid zijn, wordt hun aanwezigheid als bedreigend ervaren. Kijk ook naar de nominaties voor literaire prijzen: eindelijk maken meer vrouwen kans, en meteen horen we van mannen de vraag of hun boeken nu worden gediscrimineerd. Mannen voelen zich de underdog, terwijl ze nog steeds in de superieure positie verkeren.”
Hoe succesvol waren de vrouwen die jullie in de podcast uitlichten in hun eigen tijd?
Speet: “Vrouwen als Lucretia Wilhelmina van Merken en Juliana Cornelia de Lannoy waren in hun tijd, de achttiende eeuw, populairder dan Vondel. Bovendien hadden ze lef: ze waagden zich aan de hoogst aangeslagen literaire genres, zoals de tragedie, en maakten daarin de dienst uit. Ook zetten ze vrouwelijke personages centraal.”
Schoeters: “De genres die veel aanzien hadden, mochten door vrouwen lange tijd niet worden aangeraakt. Pas als mannen een bepaald genre niet meer interessant vonden, en het genre aan status verloor of economisch niet meer interessant was, mochten vrouwen die ruimte innemen. En andersom: als een genre dat vrouwen beoefenden plots populair werd, namen mannen dat genre razendsnel over. Zulke bewegingen zien we vandaag nog, bijvoorbeeld op het gebied van non-fictie: vrouwen die zich daaraan wagen, worden nog steeds kritischer bekeken dan mannen. Ook onderwerpen waarover mannen vaker schrijven, gelden als belangrijker en literairder dan ‘vrouwelijke’ onderwerpen – denk bijvoorbeeld aan de oorlogsroman versus de liefdesroman. Hetzelfde geldt voor manieren van vertellen: plotgedreven, conflictrijke teksten, die al vlug als mannelijk worden gezien, krijgen sneller het label van Grote Literatuur dan associatieve vertelvormen, die vaak als vrouwelijk worden geïnterpreteerd.”
Gaea Schoeters: ‘De genres die veel aanzien hadden, mochten door vrouwen lange tijd niet worden aangeraakt’
Speet: “Vrouwen zouden, zo zien we ook wanneer we recensies over literatuur analyseren, vaak onnodig gedetailleerd en wijdlopig schrijven, terwijl mannen uitblinken in overzicht en beknoptheid. Vrouwen schrijven vormloos, terwijl mannen de tekst volledig beheersen. Kracht, ratio en agressie worden geprefereerd boven emotie, zachtheid en tederheid.”
Schoeters: “We waarderen literatuur geschreven door vrouwen vooral als ze autobiografisch is, want alleen als vrouwen over zichzelf schrijven, vertrouwen we wat ze te zeggen hebben. Als zij over een ander onderwerp willen schrijven, worden ze algauw met argwaan bekeken. Dat wantrouwen zie je ook bij andere minderheidsgroepen, bijvoorbeeld op etnisch en queergebied. Iemand wordt dan gereduceerd tot de groep waartoe die persoon behoort en moet die groep vertegenwoordigen. Het vraagt om een drastisch herijken van wat we beschouwen als goede literatuur: dat moeten we leren loskoppelen van de mannelijke norm.”
Waarover schreven vrouwen in de vroegmoderne tijd?
Speet: “Lang is gedacht dat vrouwen in de vroegmoderne tijd niet over politiek schreven. Dat klopt niet: ze waren juist enorm begaan met wat er speelde en spraken zich daar ook over uit, bijvoorbeeld door te pleiten voor vrede in tijden van oorlog. Maar door de vooroordelen over vrouwelijke schrijvers is het politieke in hun teksten lange tijd niet opgemerkt. Charlotte de Huybert riep in 1643 bijvoorbeeld al dat vrouwen best op het regeringspluche konden zitten, of waren de mannen soms bang voor hen?”
Fleur Speet: ‘Lang is gedacht dat vrouwen in de vroegmoderne tijd niet over politiek schreven. Dat klopt niet: ze waren juist enorm begaan met wat er speelde en spraken zich daar ook over uit’
“Hetzelfde geldt voor de liefde en seksualiteit: ook daarover zouden vrouwen zogenaamd niet hebben geschreven, omdat dat niet mocht. Maar neem Isabella de Moerloose, die schrijft over de mannen die ze van haar lijf moest houden: een ware #MeToo-situatie. We kunnen door die teksten nog altijd worden geraakt, omdat ze vaak zulke universele emoties vertolken: het verlangen naar een ander, de angst om elkaar kwijt te raken of de manier waarop mannen vrouwen inpalmen. Al die situaties herkennen we vandaag nog.”
Durfden vrouwen vernieuwend te werk te gaan?
Speet: “Zeker! Zij zaten niet gevangen in het mannelijke korset van de retorica. Elisabeth Maria Post was de eerste auteur die over slavernij schreef. Betje Wolff en Aagje Deken publiceerden de eerste brievenroman. Zij hadden ook oog voor dierenrechten en dichtten voor de gewone man: zij zagen bovendien het gat in de markt, simpelweg omdat ze geld moesten verdienen. Vaak wordt gedacht dat vrouwen die schreven er graag bij wilden horen, maar neem Tesselschade Roemers: zij wilde er niet bij horen, de mannen wilden haar erbij.’
Fleur Speet: ‘Isabella de Moerloose schrijft over de mannen die ze van haar lijf moest houden: een ware #MeToo-situatie. We kunnen door die teksten nog altijd worden geraakt’
Jullie hebben over al deze vrouwen de podcastreeks Historische Klassiekers gemaakt. Hoe is die opgebouwd?
Speet: “In de podcastreeks staan elf vrouwelijke vroegmoderne auteurs centraal: van Anna Bijns tot Johanna Hobius, van Katharina Lescailje tot Petronella Moens. Omdat hun werk voor lezers vandaag lastiger te lezen is, is hun werk door hedendaagse schrijvers opgefrist. Zo verplaatste Babs Gons Lucretia van Merkens tragedie naar Soedan in 2023, gaf Sanneke van Hassel de brieven van Elisabeth Maria Post een hippe vriendinnentoon vol Engels en creëerde Alfred Schaffer een verrassende dialoog tussen Anna Roemers en Virginia Woolf. De benaderde auteurs waren stuk voor stuk direct enthousiast, ook omdat we goed hadden gekeken naar de onderwerpen die hen bezighouden in hun eigen werk.”
“Het grote gevaar is wel dat je met elf auteurs het idee van excuustruzen versterkt: je geeft al snel het idee dat er maar een paar vrouwen waren die de moeite van het bestuderen waard waren, en dat zij de uitzonderingen op de mannelijke regel vormden. Het tegendeel is waar: het wemelde juist van de vrouwelijke auteurs in de vroegmoderne tijd. Daarom is aan iedere aflevering een bonustrack toegevoegd met nog eens drie vrouwelijke auteurs die in dezelfde periode actief waren. Zo komen we in totaal op vierenveertig namen uit.”
Hoe is de selectie van deze auteurs tot stand gekomen?
Speet: “Het boek Met en zonder lauwerkrans. Schrijvende vrouwen uit de vroegmoderne tijd 1550-1850 van Riet Schenkeveld-van der Dussen uit 1997 was de blauwdruk voor onze selectie. Daarnaast heb ik veel artikelen gelezen van andere wetenschappers, bijvoorbeeld over de rechts- en arbeidspositie van vrouwen, waardoor ik hun werk in een context kon plaatsen. Zo ontstond een combinatie van vrouwen die al aardig bekend zijn, zoals Betje Wolff en Aagje Deken, en auteurs van wie de namen bij connaisseurs wel een belletje doen rinkelen, maar bij het grote publiek nog niet, zoals Katharina Lescailje en Lucretia van Merken.”
Wanneer is dit project geslaagd?
Speet: “Ik hoop dat we met deze podcast en met het speciaal samengestelde lesmateriaal ook scholen in Nederland én Vlaanderen bereiken. Door de canon te herschrijven, laten we leerlingen op jonge leeftijd kennismaken met deze belangrijke vrouwelijke schrijvers. Het zou prachtig zijn als de schoolboeken in de beschrijving van alle literaire tijden mannelijke en vrouwelijke auteurs evenveel aandacht geven. Op die manier leren we kinderen dat goede literatuur niet gebonden is aan geslacht, maar gaat over wat mensen raakt.”
Schoeters: “Hopelijk verdwijnt daardoor ook het verschil in waardering tussen literatuur geschreven door mannen en vrouwen. We moeten leren met een neutraal instrument naar de literatuur te kijken, niet door een bril met mannelijke glazen. Sommige vrouwelijke schrijvers brengen een andere manier van kijken met zich mee, waarin bijvoorbeeld meer psychologische diepgang aanwezig is dan in teksten van mannelijke hand. Het zou goed zijn ook daar meer waardering voor te krijgen, zodat we met glazen zonder geslacht naar de wereld kunnen kijken.”
Meer informatie over de podcast bij Fixdit. Gaea Schoeters is te gast op de presentatie van ons nummer ‘Verzwegen stemmen spreken weer’ op zaterdag 7 maart tijdens het boekenfestival FAAR in Oostende, info en tickets HIER.











Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.