Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Publicaties

Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Musée de Flandre herstelt de schildersfamilie Francken in ere
0 Reacties
© Private Collectie
© Private Collectie © Private Collectie
De Franse Nederlanden
kunst

Musée de Flandre herstelt de schildersfamilie Francken in ere

Iedereen weet wie Rubens en Van Dyck zijn, maar wie kent hun schilderende tijdgenoten van de familie Francken? Van 4 september 2021 tot 2 januari 2022 toont het Musée de Flandre in Cassel een expositie over deze onterecht in de vergetelheid geraakte Antwerpse kunstenaarsfamilie. Daar krijg je niet alleen prachtige kunst te zien, maar ook het verhaal van Antwerpen in volle economische, sociale en politieke omwenteling.

De schildersfamilie Francken bestond uit dertien leden, van stamvader Nicolaes (1520-1580) tot de laatste schilderstelg Constantijn (1661-1717). Ze overspant drie generaties waarin telkens dezelfde namen voorkomen: Hieronymus, Frans en Ambrosius.

Daarmee dringt zich natuurlijk de eerste vraag op: wie heeft wat geschilderd? We zien de kunstenaar graag als een alleen werkend genie, schilderend op zijn zolder zonder commerciële bijgedachte. Bij de Franckenfamilie was dit absoluut niet het geval. Binnen de familie was er immers een grote artistieke samenwerking én kruisbestuiving waarbij kennis over generaties werd doorgegeven en verfijnd.

Dat we de familie Francken nauwelijks kennen als kunstenaar, ligt deels aan tijdgenoot Rubens. Of beter aan onze perceptie van zijn kunsthistorische waarde. Nog steeds wordt zijn talent aanzien als een benchmark. Iedere andere schilder die in dezelfde periode actief was, verdwijnt naar de achtergrond als minderwaardig in vergelijking met deze grote schilder.

Dat verklaart waarom er tot nu slechts weinig onderzoek naar de Franckens werd uitgevoerd. In het beste geval werden de ‘betere’ schilderijen toegeschreven aan de twee groten uit de familie: Frans I (1542-1616) en zoon Frans II (1581-1642). De rest werd dan maar gecatalogeerd onder de algemene merknaam Francken.

De tentoonstelling in het Musée de Flandre herstelt de schildersfamilie nu zoveel mogelijk in ere. Boeiend daarbij is dat het verhaal van de familie Francken ook het verhaal is van Antwerpen, toen een havenstad in volle sociaaleconomische omwenteling. De Franckens hebben een groot papieren spoor achtergelaten dat bewaard wordt in het Antwerpse Felixarchief. Dankzij de vele boedelbeschrijvingen, processen, contracten, en dergelijke wordt dit kunsthistorisch verhaal verrijkt met een extra dimensie die slechts bij weinig andere (en vooral ‘grotere’) schildersfamilies zoals de Bruegels voorkomt.

De zonen van Nicolaes (generatie I) werden allemaal geboren in Herentals. Ze verhuisden echter snel naar Antwerpen, waar ze in de leer gingen bij de Frans Floris. Hun roem als meester-schilders groeide daarna snel. Zeker toen in korte tijd hun oude meester en Pieter Bruegel de Oude overleden. De Francken-broers bleken de enigen te zijn die consequent dezelfde stijl en hoge kwaliteit konden afleveren.

Maar ze hadden ook wel wat geluk. In 1585 was er de Val van Antwerpen, gevolgd door de Contrareformatie. Daardoor was er gedurende vele jaren een grote vraag naar retabels voor de nieuwe of gerestaureerde kerken, kapellen en kloosters… De Franckens I waren daarvoor het eerste aanspreekpunt en hun naam en faam groeide in de Zuidelijke Nederlanden. Zij werden voorname en rijke burgers in Antwerpen. Zelfs toen Hieronymus I in Parijs hofschilder onder Catharina de Medici werd, bleven de nauwe banden en samenwerkingen met zijn Antwerpse broers en neven bestaan. Er zijn ook vele portretten van Frans Francken I bewaard, waarvan enkele geschilderd zijn door toenmalige jonge schilders, zoals Rubens en Van Dyck. Dat getuigt van het respect dat de oude meester genoot.

Zakenlui

De schilders van de volgende generatie, die de stiel van vader, ooms en zelfs broers geleerd hadden, werden echte zakenlui. Franckens generatie II nam daarom actief deel aan het Antwerpse sociale leven via onder meer hun lidmaatschap van de Antwerpse rederijkerskamer de Violieren. Zo groeiden de bestellingen in hun schildersatelier proportioneel met hun toenemende vriendschappen en connecties met andere kunstenaars en prominenten.

De politiek was hun daarvoor ook gunstig gezind. Er was relatieve rust onder het twaalfjarig bestand van Albrecht en Isabella en de havenstad Antwerpen bloeide als nooit tevoren. Het aantal nieuwe, kunstminnende rijken groeide daardoor spectaculair. De humanistische tijdsgeest zorgde bij hen voor een grote intellectuele honger en appreciatie van de Oudheid, maar ook voor een verdieping van de persoonlijke devotie. De drie broers werkten regelmatig samen aan hun opdrachten, maar het was uiteindelijk Frans II die er echt de vruchten van plukte.

Frans II legde zich toe op het schilderen van allegorieën, mythes en kleine Mariataferelen. Hij specialiseerde zich ook in heksenschilderijen met al dan niet verborgen verwijzingen naar occultisme, neoplatonisme en demonologie. Daarnaast was hij ook de uitvinder van een nieuw genre: de kunstkamers (schilderijen van interieurs vol kunstwerken en boeken). Maar hij was ook uitzonderlijk getalenteerd als stoffageschilder. Hij werkte daarvoor samen met andere beroemde schilders zoals de landschapsschilders Abraham Govaers en Joos II de Momper. Of de architectuurschilders vader en zoon Neefs en Paul Vredeman de Vries.

Zijn schilderijen zijn narratief en staan bol van ambitieuze iconografie. Frans II Francken was een echte Pictor Docti. Zijn kleurgebruik was ook onnavolgbaar. Hij wist daarbovenop vrouwen zo te schilderen dat ze sensueel, zelfs bijna erotisch overkwamen. Het hoeft dan ook geen betoog dat deze schilderijen populair waren.

Langzame terugval

De derde generatie werkte natuurlijk in het atelier van Frans II, waar ze hielp bij de productie van de vele schilderijen. Bandschilderijen mogen we ze niet noemen, want de hand van vader Frans II is er toch vaak in te herkennen. De vraag naar zijn schilderijen was destijds eenvoudigweg zo groot dat alle hulp welkom was, ook van zijn schoonzonen. De Francken-schilderijen waren geliefd bij kunsthandelaren omdat ze garant stonden voor kwaliteit en een herkenbare stijl.

Na verloop van tijd namen Frans III en Hieronymus III het atelier met bijbehorende connecties volledig over. Toch was er een langzame terugval in kwaliteit. Constantijn gooide het als laatste Francken-schilder over een ander boeg. Hij werd specialist in gevechtsscènes en slagvelden. Daarom was hij aan het Franse Hof onder Louis XIV tewerkgesteld. Maar familieperikelen en persoonlijke problemen zorgden ervoor dat hij zijn talent niet verder heeft ontwikkeld en doorgegeven. Daarmee viel het doek over de Francken-dynastie.

Volwaardige kunstenaars

Als bezoeker aan deze tentoonstelling ontdek je dus het verhaal van een vergeten schildersfamilie. Toch weten steeds meer kunstkenners de werken van deze tijdgenoten van Rubens te appreciëren voor hun eigen waarde en hun kunststijl. De verkoop van het schilderij Allegorie over de keuze tussen deugd en ondeugd van Frans II getuigt daarvan. Dat werk is in 2012 aan een privéverzamelaar verkocht voor maar liefst 12 miljoen euro. Wie in Cassel de tentoonstelling bezoekt moet bij dit schilderij, dat speciaal in bruikleen werd gegeven, eerlijk toegeven dat Frans II Francken inderdaad een meester hors catégorie was.

Hopelijk zal toekomstig kunsthistorisch onderzoek de individuele talenten van de andere Franckens nog verder belichten. Want hun familienaam was ook een tweesnijdend mes. Wie bouwde aan een persoonlijke carrière, botste steevast tegen de Francken-merknaam op.

Het Musée de Flandre neemt als eerste museum ooit het initiatief om de Francken-dynastie haar verdiende plaats te geven. Laat dit de aanzet zijn om hen in rechtgeaarde kunsthistorische naslagwerken niet langer als voetnoot te vermelden, maar als volwaardige Vlaamse kunstenaars.

Het museum in Cassel heeft overigens een ijzersterke reputatie als het gaat om onbekende en onbeminde Vlaamse kunst. Het werkt daarvoor altijd samen met internationale kunsthistorici, musea, overheden… De expo over de Francken-familie krijgt van de Franse overheid dan ook het keurmerk ‘Exposition d’intérêt national’. Het is de vierde maal in zes jaar tijd dat het museum in Cassel die eer te beurt valt.

De Francken-dynastie in Musée de Flandre, Cassel
4 september 2021 - 2 januari 2022
Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be.