Publicaties
Vreemd, dat Vlaamse gebruik van het woord ‘vreemd’
2 Reacties
Gustave De Smet, Dorpskermis © MSK Gent
Gustave De Smet, Dorpskermis © MSK Gent Gustave De Smet, Dorpskermis © MSK Gent
maatschappij

Vreemd, dat Vlaamse gebruik van het woord ‘vreemd’

Noem me een buitenlander, een vreemdeling, maar ik vind het vreemd hoe media en overheid in Vlaanderen ‘vreemd’ gebruiken, dat woord met de connotatie raar, afwijkend, ongewoon.

Een aanzienlijk deel van de Belgen vindt dat er “te veel mensen van vreemde origine in België” wonen, las ik onlangs in een opiniebijdrage van schrijver Tom Naegels. Hij reageerde op de uitkomst van een onderzoek dat uitwees dat het leeuwendeel van de Belgen aan twee kanten van de taalgrens en aan beide zijden van het politieke spectrum vindt dat mensen van “vreemde origine” zich moeten aanpassen aan de “Europese cultuur”.

Laat die Belgen zelf maar eens integreren in die Europese cultuur

Wantrouwen jegens nieuwkomers, mensen van “vreemde origine” is onvermijdelijk, luidde de stelling in het stuk van Naegels, we moeten ermee leren leven. Mij lijkt wantrouwen iets wat je niet moet voeden maar juist moet bestrijden. Om te beginnen door mensen die van elders komen niet in de categorie “vreemd” in te delen.

Dikke kans trouwens dat ook ik “ja” had geantwoord op de vraag of nieuwkomers zich moeten aanpassen aan de Europese cultuur. Maar mijn eerste gedachte: laat die Belgen zelf maar eens integreren in die Europese cultuur. Laat ze handelen naar het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, transitmigranten niet langer als vee opjagen, maar bed, bad en brood aanbieden en gedetineerden niet in onmenselijke omstandigheden vastzetten, zodat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens België niet opnieuw op de vingers hoeft te tikken.

Van waar is dat?

Laat ze erkennen dat alle mensen vrij en gelijk in waardigheid en rechten worden geboren. Laat de man die naast me zit in het hippodroom van Oostende niet naar mijn dochter uit Rwanda en pleegzoon uit Angola wijzen en de vraag stellen “van waar is dat?” alsof ze dingen zijn.

Voor mij blijkt integreren al niet eenvoudig. Hoe hondsmoeilijk is het dan niet voor wie geen wit vel heeft?

Laat de overheid eindelijk eens de grootste bron van gebrekkige integratie aanpakken: het Belgische onderwijs dat er zo slecht in slaagt de kloof tussen nieuwkomers en autochtonen te dichten. Laat de Belgische politici het talent voor het sluiten van compromissen waarvoor ze zichzelf zo vaak op de borst kloppen en dat ze naar eigen inzicht tot de beste aller Europeanen maakt maar eens in de praktijk brengen.

Maar ja, ik ben dan ook maar een “vreemdeling”. Toen ik ruim drie jaar geleden in Vlaanderen kwam wonen, werd mij al meteen duidelijk wat mijn status was. Als houder van de Nederlandse nationaliteit kreeg ik een “vreemdelingenkaart”.

Zelf behoor ik tot de “vreemdelingen” die slechts minimaal verschillen van de “normalen”. Maar ook voor mij blijkt echt integreren in dit land bepaald niet eenvoudig. Hoe hondsmoeilijk moet het dan niet zijn voor mensen die van verder komen en geen wit vel hebben?

Voor Vlamingen blijf ik vanwege mijn tongval de Hollander

Waar Naegels het volle gelijk in heeft: of nieuwkomers “in de dagelijkse omgang als ‘vreemd’ of ‘goed geïntegreerd’ ervaren worden, dat blijft een subjectieve kwestie”.

Ik zag het levenslicht in Oostende en was tot mijn achttiende, toen ik Nederlander werd, houder van een Belgisch paspoort. Nu woon ik sinds enkele jaren weer in mijn land van herkomst. Ik juich als Thomas De Gendt een touretappe wint. De schilders die mijn hart beroeren zijn Léon Spilliaert en Gust De Smet. Lieven Tavernier en Jonas Winterland vind ik grootse kleinkunstenaars.

De belangrijkste schrijvers van de Lage Landen – Louis Paul Boon en Hugo Claus – komen in mijn ogen van Vlaamse bodem. Als galgenmaal wil ik paling in ’t groen . Maar voor Vlamingen ben en blijf ik vanwege mijn tongval de Hollander en als ik een afwijkende mening heb de Hollander met de grote bek.

Dat gedroomde België

Ooit was er een Belgische historicus, Henri Pirenne (1862-1935), die de “Belgische beschaving” typeerde als “internationaal in haar grond”. Haar kracht zou bestaan in het op een kruispunt van Europa laten samensmelten van denkbeelden van allerwegen, in het openstaan voor opvattingen van allerlei aard en het van alle zijden nemen wat goed was.

Laten de Belgen in dat gedroomde België integreren en hun obsessie met afkomst en vrees voor het vreemde afschudden. Om te beginnen door al wie van elders komt niet langer als “vreemd” aan te duiden.

Tomas Vanheste

Beste Jef, dank voor uw uitgebreide reactie en wijze raad.
Ik ga er eens extra op letten, maar tot nu toe heb ik als dagelijks lezer van Nederlandse en Vlaamse kranten de indruk dat de woorden 'vreemdelingen' en zeker 'van vreemde origine' in de Nederlandse media veel minder gangbaar zijn. In Nederland hanteerden overheid en media lange tijd de begrippen 'allochtoon' en 'autochtoon', maar de WRR adviseerde ze niet langer te gebruiken: https://www.wrr.nl/actueel/nieuws/2016/11/01/de-termen-%E2%80%98allochtoon-en-autochtoon%E2%80%99-hebben-hun-tijd-gehad
Ik aarzel of het geboden alternatief zoveel beter is en ik snap dat je de taal niet kunt kuisen, maar ze evolueert wel en nadenken over de uitwerking en lading van bepaalde woorden lijkt mij zinvol.
De adviezen mijn dubbele herkomst te koesteren en mijn standpunten zonder schroom te verkondigen, zal ik zeker ter harte nemen.

JefVanStaeyen

Beste Tomas, ik heb uw noodkreet gelezen en wil u graag helpen. Helpen voor de problemen die u zelf aangaan: uw onwennigheid met het woord "vreemdeling", en uw onvrede met het feit dat u omwille van uw Nederlandse tongval vaak als betweterig wordt beschouwd. Wat u over de problemen van anderen schrijft kan ik in dit bestek alleen maar onderschrijven. Maar dat onderwerp is van een heel andere grootte-orde en veel te belangrijk om hier nog maar een suggestie te doen.

1. Wat het begrip "vreemdeling" betreft, en het vreemde gebruik ervan door de Vlaamse overheid en de Vlaamse media.
Vooreerst kan ik u melden dat niet alleen de Vlaamse, maar ook de Nederlandse overheden het woord "vreemdeling" dagelijks gebruiken. De rijksoverheid creëerde het "vreemdelingenpaspoort", dat door heel diverse gemeenten op hun websites wordt gepromoot. En er bestaat een "adviescommissie voor vreemdelingenzaken" (ACVZ). Ook kwaliteitskranten zoals NRC en Volkskrant schrijven over "vreemdelingen". Overigens: wie de naam van de krant en het begrip "vreemdeling" in zijn zoekmotor tikt, krijgt behalve de gelijknamige roman van Albert Camus een reeks krantenartikels aangeduid, waarin vaak over criminaliteit of criminelen wordt geschreven. Als we de algoritmen van Google mogen geloven, bestaat er bij het lezerspubliek van die kranten veel vraag naar artikels waarin vreemdelingen met criminaliteit worden gelinkt, meer dan met sport, feesten of literatuur (tenzij dat boek van Camus). Of met huisvesting, onderwijs, toegang tot de arbeidsmarkt, en andere m.i. zeer pertinente thema's.
Spring ik over andere grenzen, op zoek naar vreemdelingen, dan zie ik dat ook elders (althans in ons nabije landen en talen), de nabijheid tussen "vreemd" en "vreemdeling" bestaat. Een Franse "étranger" is "étrange", een Engelse "stranger" "strange", en een Duitse "Fremder" is "fremd". [In Hamburg zag ik enkele jaren geleden een mooie affiche: "Fremd ist der Fremde nur in der Fremde". Die zend ik via een andere weg.]

Moeten we daarom het "vreemde" woord "vreemdeling" afschaffen, of door een ander vervangen?
Het begrip afschaffen? Ik meen van niet. Meer open grenzen en meer vertrouwen zijn nastrevenswaardige of zelfs noodzakelijke doelen; iedereen hetzelfde en alle landen hetzelfde zijn dat echter niet. Een wereld zonder vreemden, bv. zonder Finnen, Argentijnen of Congolezen is een arme wereld, en een wereld zonder Finland, Argentinië of Congo is dat ook. Die landen zijn "vreemd", en mogen wat mij betreft best vreemd blijven.
Een ander woord? Dan zullen we dat woord nog moeten uitvinden, want een beter woord is er vooralsnog niet. Ik zie momenteel drie woorden, waaronder het door u gewraakte "vreemdeling". De twee andere zijn "buitenlander" en "niet-Belg" (of "niet-Nederlander", "niet-ingezetene").
"Niet-Belg", "Niet-Nederlander" en "niet-ingezete" zijn negatief, ze zeggen alleen wat je niet bent. Er zijn al voldoende woorden in omloop over wat je niet hebt of bent: mensen zónder werk, zónder dak of zónder papieren.
"Buitenlander" is dat in feite ook. Het woord herinnert je eraan dat je niet op je plaats bent, en stelt impliciet de vraag wanneer je weer vertrekt.
"Vreemdeling" is misschien "vreemd", maar het is wel het enige positieve woord van de drie. Het gaat niet over een gebrek maar over een eigenschap. Het verwijst naar kleine of grote kenmerken, gebruiken en gedragingen die je wél hebt, die je direct of indirect van een ander land hebt meegebracht, en die in het land waar je nu woont of verblijft niet, nog niet of niet meer gebruikelijk zijn. Vooral: er zit geen enkele tijdsbeperking in. Daarom is een "vreemdelingenkaart" een mooier woord dan bv. een "verblijfsvergunning".
Dus, mijn advies: koester uw onvrede met de manier waarop sommige vreemdelingen (of groepen van vreemdelingen) worden bejegend, en doe er wat mee. En: verzoen u met het woord "vreemdeling", dat positiever is dan u denkt.
Tenzij u een nieuw, beter woord vindt.

2. U schrijft "Maar voor Vlamingen ben en blijf ik vanwege mijn tongval de Hollander en als ik een afwijkende mening heb de Hollander met de grote bek."
Ook hier denk ik u te kunnen helpen. Een beetje toch. Als ervaringsdeskundige.
Na meer dan zesendertig jaar wonen en werken in Frankrijk word ik, ondanks mijn Franse (verworven) nationaliteit — ik heb lange tijd een "carte de séjour" gehad — en omwille van mijn Belgische tongval, vaak met de echte en vermeende kenmerken van de Belgen vereenzelvigd. Deze tekst is te kort om die hier te vermelden. Ik weet trouwens niet wat me het meeste stoort: de negatieve kenmerken die ik meen niet te hebben, of de positieve waarvan ik vrees dat ze me ontbreken. Dat Nederlanders over het algemeen als betweterig worden beschouwd mag niet verrassen, maar dat u als individu diezelfde eigenschap wordt toegeschreven kan inderdaad heel vervelend zijn. Het beeld van "de grote bek" (het beter weten én het geen blad voor de mond nemen), dat zoals u schrijft bij Vlamingen bestaat, bestaat overigens ook in Frankrijk. Dat komt omdat het vaak met de werkelijkheid overeenstemt, én omdat het door de Nederlandse overheden en hun vertegenwoordigers naarstig wordt ondersteund. Zij profileren zich doelbewust als instellingen en mensen die beter weten hoe problemen moeten worden aangepakt (misschien niet onterecht), en die daarbij anderen aanraden, of zelfs aanmanen hun voorbeeld te volgen.
Dat een beeld dat terecht voor een groep geldt (in casu de Nederlanders) ook onterecht op een individu wordt toegepast (op u, in dit geval) kan, zoals ik zei, heel onaangenaam zijn. Daarom suggereer ik: handel in deze als een Belg. Wanneer een Belg een kostuum wordt aangemeten dat hem niet past, trekt hij het aan, en maakt er het beste van. Maar hij draagt dat kostuum anders dan het van hem werd verwacht. Er valt altijd wel een mouw aan te passen.
Wees dus trots op uw dubbele nationaliteit, en op uw vreemdelingschap. Wees een Vlaming in Nederland, en een Nederlander in Vlaanderen. (En een Belg in Frankrijk?). En: zwijg niet. Vooral wanneer u het beter weet.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische betaling. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be