Publicaties
Terug naar de IJzer IV
0 Reacties
© Katrien Vandenberghe
© Katrien Vandenberghe © Katrien Vandenberghe
Reeks: Terug naar de IJzer
maatschappij

Terug naar de IJzer IV

Rubroek-Bollezele-Merkegem

De IJzer stroomt door het onderbewustzijn van Katrien Vandenberghe. Dit voorjaar wandelde ze langs de stroom en volgde de GR 130. Terug thuis noteerde ze haar ervaringen.

Voorbij Jabbeke op de E40 gebeurt ditmaal wat de mist de vorige keer had verhinderd: bij het naderen van de Noordzee wordt het licht in de lucht feller, intenser, glanzender. Zelfs het lage winterzonnetje blinkt krachtig uit het wolkendek tevoorschijn en straalt gloedvol op de wollige massa’s.

De gps stuurt me al bij afrit Gijvelde en de Moeren (“les Moëres”) van de snelweg. Onderweg ontbreekt het warempel niet aan aanlokkelijke wegwijzers, maar ik laat me niet afleiden en maak mijn fiets vast aan een heus fietsenrekje op de markt van Bollezele, met stadhuisje in Vlaamse neogotiek en Sint-Wandregeseluskerk, waar ik binnenga voor het retabel (de streek telt wel honderdvijftig retabels, van retro tabula). Het is er donker. Café du Centre en café Au tour du monde zijn dicht. De auto houdt de bakstenen gevelruiter van het museum Willem van Rubroeck gezelschap.

Vanuit Rubroek loop ik over de Hoogen Hill, die zijn naam niet heeft gestolen, en krijg uitzicht op de IJzervlakte. Langwerpige stapels suikerbieten onder wit of groen plasticzeil markeren weer het landschap. In de gracht een singletje van Nana Mouskouri, alsof alles aan mijn jeugd moet herinneren. De weg gaat de IJzer over, blaasjes drijven op het water. Af en toe laat de TGV zich horen, zelfs zien, maar verder suist alleen de wind. Een kapelletje met op het fronton in handgeschreven stijl “Notre Dame de la Consolation P.P.N.”, bloklettert op een bordje ook: “O.L.Vrouw van Troost, Bid voor ons.” Op het topografische routekaartje zijn de plaatsnamen weer om het sympathiekst: Galgberg, Wezel Bosch, Leeuwerik Veld, West Meulen Veld, Biesen Driesch, Verroere Houck, maar ook: La Belle Vue, Cray Hill.

Onze Lieve Vrouw van de krampen

Een reusachtig spruitjesveld ligt tegen een heuvelkam op, mooi in zijn groene, glooiende monotonie. De vorige keer had ik al een grijsblauw preiveld onder ogen gekregen. Reguliere akkerbouw overweegt, al met al is er weinig weiland. Toch droegen twee boerderijen een bordje van respectievelijk Danone en Candia. Bij die laatste boerderij klonk gekletter uit een hangar: koeienkettingen?

De watertoren is het hoogste punt van deze GR: 62 m. Hier begint de ancien talus maritime, een kam die vroeger de kustlijn vormde, en nu de scheiding tussen Blootland en Houtland, tussen kustvlakte en stroomgebied van de IJzer, tussen Flandre Maritime en Flandre Intérieure. De polder is vanaf de elfde eeuw op de zee gewonnen, hoofdzakelijk door abdijen en onder impuls van de graven van Vlaanderen. Hier, twintig km landinwaarts, schijn je bij mooi weer uitzicht te hebben tot Calais en België. Maar mooi weer is het niet. Het wordt een slag donkerder en het begint te miezeren. Bovendien ben ik al schrijvend op de feiten vooruitgelopen, want ik vergis me in de weg en beland in een privébos met bordjes van de jachtclub van Calais op mijn pad, dat gelukkig een lus maakt. Even later zit ik weer goed (de borden chasse gardée staan nu naast de weg). Nogmaals bedenk ik hoe overweldigend stil het is als er uit een keet met kriskras voorgeparkeerde auto’s rauw, rumoerig gelach van vele mannen opstijgt. Ik versnel mijn pas. Zijn het de jagers? Een ezel balkt.

Eenmaal in de open vlakte kan ik mijn ogen niet geloven: voor het eerst in mijn leven zie ik drie reeën in het wild. In een paar zweefsprongen zijn ze het veld over. Bij de Aerde Straete weer een tweetalig kapelletje: “ND des Crampes, PPN”, “OLV van de Krampen, BVO”. Een glibberig aarden pad, dat na een bocht even een holle weg wordt, klimt steil omhoog. In Merkegem besluit ik de route af te snijden via de departementsweg naar Bollezele: het wordt donker, het laatste stuk etappe gaat dwars door het veld en ik heb geen zaklamp bij me.

De oriëntatietafel (55 m) in Merkegem sombert over een beperkt zichtbare vlakte, bij resten van de oude abdij Raven(s)berg, die zes eeuwen lang een cisterciënzerinnenklooster was en in de Franse Revolutie grotendeels werd verwoest.

Over de oude kusttalud loop ik naar Bollezele. De gracht op deze hoogte staat – paradoxaal beeld – boordevol water. De hoogspanningskabels neuriën luidruchtig, een zesbaansvak van energie. Ik passeer een huisje “Oost West Thuis Best”, “Pépinières des Flandres”, een voedermeelfabriek “Flandre” en wel zes Vlaamse leeuwen, waarvan achteraf blijkt dat het om het Bollezeelse wapenschild gaat. Café Au tour du monde blijft dicht.

Zoals ik de vorige keer zowel heen als terug voor een gesloten overweg stond (heen locomotief, terug goederentreintje), zo rijd ik nu zowel heen als terug voorbij een verkeersongeval (met telkens politie).

Reeks:

Terug naar de IJzer

Terug naar de IJzer

Terug naar de IJzer II

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische betaling. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be