Deel artikel

geschiedenis recensie

Spannende tijden vragen om de inzichten van Spinoza

10 februari 2026 8 min. leestijd

Er gaat geen jaar voorbij of er verschijnt een belangrijk boek over Spinoza, de zeventiende-eeuwse denker die ons een radicaal ander perspectief bood op de werkelijkheid, godsdienst, rationaliteit, emoties, politiek en het goede leven. Nu er een nieuwe Nederlandse vertaling van de Ethica is, zoekt filosoof Johan Braeckman naar een verklaring voor zijn blijvende aantrekkingskracht.

Spinoza (1632-1677) is de belangrijkste filosoof van de Lage Landen, volgens sommigen zelfs van de hele wereld. Zijn meesterwerk is de Ethica, postuum gepubliceerd in 1678. Het is een van de merkwaardigste boeken uit de westerse filosofiegeschiedenis.

Wie rondsnuffelt in antiquariaten, vindt met wat geluk nog een vertaling van schrijver en vertaler Nico van Suchtelen (1928). Wie liever een vertaling leest in meer hedendaags Nederlands, kan kiezen uit minstens vier recente uitgaven: van Henri Krop (2002), van Corinna Vermeulen (2012), van Karel D’huyvetters (2017) en van Maarten van Buuren (2017). De vertaling van Krop, hoogleraar Spinozastudies aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam, bevat ook de Latijnse tekst. Vermeulens vertaling is gebaseerd op het manuscript van de Ethica dat in 2010 in het Vaticaan gevonden werd. De annotaties die D’huyvetters bij zijn vertaling schreef, vormen een dikker boek dan de Ethica zelf, en emeritus-hoogleraar moderne letterkunde Maarten van Buuren herwerkte in 2025 zijn eerdere vertaling tot een tekst die resoneert met het hedendaagse Nederlands. Dat laatste is lang niet vanzelfsprekend.

Spinoza schreef in het Latijn, in een bevreemdende stijl. Ook de structuur van het boek lijkt archaïsch. Hij imiteert de opbouw van De Elementen, het wonderlijke meetkundeboek van Euclides, geschreven omstreeks 300 voor Christus. De volledige titel van de Ethica luidt trouwens Ethica, Ordine Geometrico Demonstrata (ethiek uitgelegd volgens de methode van de meetkunde).

Met zijn geschriften wilde Spinoza de wereld veranderen, maar het lezerspubliek dat hij op het oog had, was eerder beperkt. Toch werd hij nog tijdens zijn leven beroemd en berucht, en na zijn dood nam die bekendheid snel toe. De Britse historicus Jonathan Israël beweert dat Spinoza van 1650 tot 1750 de invloedrijkste denker in Europa was. Dat schreef hij zowel in zijn boek Radicale verlichting (2001) als in zijn recente lijvige biografie Spinoza. Life & Legacy (2023). “Hij was de voornaamste bestrijder van de geopenbaarde godsdienst, van algemeen aanvaarde ideeën, tradities, moraal en van datgene wat overal, in absolutistische en niet-absolutistische staten, beschouwd werd als door God gegeven politiek gezag”, aldus Israël. Omdat iemand als filosoof en politiek schrijver Thomas Paine zijn werk las, oefende Spinoza ook onrechtstreeks invloed uit op de Amerikaanse geschiedenis.

Spinoza was weliswaar berucht, maar werd in de eerste eeuwen na zijn dood slechts door een relatief beperkt gezelschap van filosofen en academici gelezen. Niet alleen omdat zijn werk omstreden was, maar minstens evenzeer omdat het, toch bij een eerste kennismaking, zo ondoorgrondelijk lijkt. Dat geldt in het bijzonder voor de Ethica. In de verantwoording van zijn herziene vertaling omschrijft Maarten van Buuren het boek als “een reusachtig cryptogram dat zijn geheim alleen na tijdrovende en geduldige ontcijfering prijsgeeft”. De Ethica is een werk dat je eerder bestudeert dan leest. Dat verklaart ten dele waarom er behoorlijk veel studies over het boek verschenen zijn. Meerdere Spinozakenners vonden het nodig, geheel terecht, om uit te leggen wat Spinoza precies bedoelde. Maarten van Buuren deed dat ook zelf in enkele boeken, recent nog in Zijn, denken, doen. Spinoza’s weg naar geluk (2025).

Spinoza zocht een manier van samenleven die levensbeschouwelijke vrijheid kon koppelen aan duurzame vrede, veiligheid en voorspoed

Naar het einde van de negentiende eeuw toe en in de loop van de twintigste eeuw bereikte Spinoza langzaam maar zeker een groter publiek, voornamelijk dankzij vertalingen die zijn werk toegankelijker maakten. Een echte doorbraak vond plaats na de Tweede Wereldoorlog en in onze tijd kent hij een grotere populariteit dan ooit. Dat ligt niet meteen voor de hand. Ook in de hedendaagse vertalingen blijft hij lastig om lezen. Dat zelfs een groot kenner als Van Buuren de Ethica als een cryptogram beschrijft, kan eerder afschrikkend dan uitnodigend werken. Toch zijn er in de Lage Landen meerdere Spinozakringen. De meeste leden daarvan studeerden geen filosofie, maar verdiepen zich grondig in zijn werk en komen samen om erover te praten en te discussiëren.

Spinoza’s aantrekkingskracht is deels te verklaren door de mysterieuze aura rond de man en zijn oeuvre. Hij was een uitermate zelfstandig denker die, onder invloed van Descartes en van enkele Amsterdamse vrijdenkers, de dogma’s van de Sefardisch-joodse gemeenschap waarin hij opgroeide in vraag stelde. Dat leidde er in 1656 toe dat hij uit die gemeenschap werd verstoten. Hij was toen net geen vierentwintig jaar oud. De exacte omschrijving van de aanklacht kennen we niet, maar de banvloek die over hem werd uitgesproken, is wel bewaard. “Hij zij verwenst bij dag en bij nacht, verwenst in zijn liggen en in zijn staan (…) Wees gewaarschuwd: niemand mag hem spreken, niemand mag hem schrijven, niemand hem enige gunst verlenen, niemand met hem onder een dak verblijven, niemand op vier ellen afstand van hem vertoeven, niemand enig papier lezen, door hem gemaakt of geschreven.” Het zijn maar enkele zinnen uit de cherem, maar ze maken duidelijk hoezeer hij zijn gemeenschap tegen de haren had ingestreken.

Zijn gemeenschap verbande hem, maar evenzeer nam hij er zelf afstand van. Ze beknotte hem in zijn autonomie en in zijn vrijheid van denken. Hij trok naar Rijnsburg, vandaar naar Voorburg en tenslotte naar Den Haag, waar hij in 1677 overleed. De doodsoorzaak was een longaandoening, wellicht mede veroorzaakt door het fijn stof dat hij inademde door het uitoefenen van het lenzenslijpen, de job waarmee hij zich in leven hield.

De originaliteit en authenticiteit van Spinoza zijn zeer inspirerend. Hij was geen spreekwoordelijke ivorentorendenker of academische filosoof, maar iemand die ons een radicaal ander perspectief bood op de aard van de werkelijkheid, op godsdienst, op rationaliteit, op emoties, op politiek, op samenleven en op de vraag wat het goede leven is.

Hoewel zijn teksten bij een eerste kennismaking zeer complex en abstract op ons overkomen, toont zich gaandeweg de praktische toepasbaarheid van zijn werk. De Vlaamse filosofe Tinneke Beeckman legde dat helder uit in haar boek Door Spinoza’s lens. Een oefening in levensfilosofie (2012). Daarin gaat ze onder meer in op het belang van Spinoza om liefde, begeerte en seksualiteit te begrijpen. De rationalist Spinoza, aldus Beeckman, is “een complexe en subtiele denker van de passies”. Het klinkt contra-intuïtief, en dat geldt voor meerdere van zijn opvattingen, niet het minst voor het verband dat hij maakt tussen determinisme en vrijheid.

Alles in de kosmos is causaal bepaald, met inbegrip van het menselijke handelen en denken. Hoe zou het anders kunnen zijn? Een gevolg heeft altijd een oorzaak, de zogenaamde vrije wil bestaat dus niet. In een opmerking bij stelling 35 (Ethica, deel 2) zet hij uiteen dat mensen zich wel bewust zijn van hun handelingen, maar niet weten welke oorzaken hen daartoe aanzetten. Hij vervolgt: “Hun idee van vrijheid is dat zij de oorzaak van hun handelingen niet kennen.” Ze denken dat hun handelingen van de wil afhangen, maar “ze weten geen van allen wat de wil is, en hoe deze het lichaam beweegt” (vertaling Maarten van Buuren). Toch kunnen we onze zelfbeschikking, en daardoor onze vrijheid, vergroten, namelijk door ons de causale determinatie steeds meer toe te eigenen. Dat betekent dat wie vrij wil zijn, zoveel mogelijk zichzelf aanstuurt. Een vrij persoon handelt maximaal vanuit zichzelf, wie onvrij is laat zijn denken en handelen van buitenaf bepalen.

Wat eerst vreemd lijkt, de inbedding van autonomie in een deterministisch mens- en wereldbeeld, blijkt vanuit spinozistisch perspectief de meest zinvolle invulling te zijn van vrijheid.

Wie zich vrij waant, maar zijn denken en gedrag laat leiden door bijgeloof of irrationele denkbeelden, is veeleer pseudovrij

De zelfbepaling van een mens moet voortkomen uit betrouwbare informatie. Wie zich vrij waant, maar zijn denken en zijn gedrag laat leiden door bijgeloof of irrationele denkbeelden, is veeleer pseudovrij. Daarom is Spinoza ook een vroege pleitbezorger van de democratie, van vrije meningsuiting en van neutraliteit van de overheid. Vrijheid van denken en spreken biedt de beste garantie dat de kwaliteit van onze kennis erop vooruitgaat.

Met het oog op het vreedzaam samenleven mag de staat tot op zekere hoogte het handelen reguleren, maar niet het denken. Een staatsreligie is uit den boze, religieuzen mogen niet over politieke macht beschikken en de interpretatie van religieuze teksten moet vrij zijn. Spinoza is kritisch over de aristocratie en de monarchie, en schrijft dat het doel van de staat de vrijheid is. Die vrijheid slaat niet op het onbelemmerd doen wat men wil, maar op de garantie dat men kan leven en denken volgens de rede, zonder angst voor repressie. Dit alles werkte hij uit in zijn boek Tractatus Theologico-Politicus (theologisch-staatkundige verhandeling), anoniem gepubliceerd in 1670. Het was op zich al ruim voldoende om een storm van kritiek te ontketenen.

Spinoza’s ethica effende het pad voor het seculiere, rationele en liberale denken met betrekking tot politieke en maatschappelijke vraagstukken

Maar er is meer. In datzelfde boek, waarvan iemand schreef dat het “met behulp van de duivel in de hel was gesmeed”, verzet Spinoza zich tegen bijgeloof, legt hij uit dat wonderen een natuurlijke verklaring kennen, dat de Bijbel door mensen geschreven literatuur is en geen openbaring, dat de profeten elkaar tegenspreken, dat het joodse volk geen uitzonderingspositie kent en dat het onderscheid tussen goddelijke en menselijke wetten vals is. Het boek effende niet alleen het pad voor het seculiere, rationele en liberale denken met betrekking tot politieke en maatschappelijke vraagstukken, maar legde meteen ook de grondslag van de wetenschappelijke Bijbelexegese.

De kernaspecten van de Theologisch-staatkundige verhandeling en van de Ethica maken begrijpelijk waarom Spinoza blijvend in de belangstelling staat. Net zoals in de zeventiende-eeuwse Republiek kent ook onze tijd diepe en belangrijke meningsverschillen over de grenzen van de vrijheid van meningsuiting, over de precieze aard van de scheiding tussen religie en politiek, en over de rol die godsdienst mag en kan hebben in de maatschappij en in het persoonlijke leven.

Zoals Kees Schuyt, de gewezen voorzitter van de Vereniging Het Spinozahuis, uiteenzet in zijn boek Spinoza en de vreugde van het inzicht (2017) zocht Spinoza naar een manier van samenleven die in staat was om levensbeschouwelijke vrijheid te koppelen aan duurzame vrede, veiligheid en voorspoed. Daarom, aldus Ian Buruma in zijn beknopte en zeer leesbare boek Spinoza. Filosoof van de vrijheid (2024) “zijn wij allen schatplichtig aan hem, en dan niet aan Spinoza als een ‘goede jood’ of een seculiere heilige, maar aan Spinoza als een groots en humaan mens”. Maar het belang van Spinoza voor politieke kwesties mag niet zijn belangrijkste betrachting overschaduwen: zijn zoektocht naar “ware gemoedsrust”. Ethica toont de weg. “Het doel is steil, maar de weg is begaanbaar”, zo schrijft Spinoza in de laatste stelling van het boek. Waarop de beroemde slotzin volgt: “Al het voortreffelijke is even moeilijk als zeldzaam.”

Literatuur

  • Spinoza, Ethica, vertaald, ingeleid en toegelicht door Maarten van Buuren, Damon, 2025
  • Maarten van Buuren, Zijn, denken, doen. Spinoza’s weg naar geluk, Damon, 2025
  • Maarten van Buuren, Zijn filosofie in 50 sleutelwoorden, Ambo|Anthos, 2019
  • Maarten van Buuren, Vijf wegen naar de vrijheid, Ambo|Anthos, 2016
  • Spinoza, Theologisch-staatkundige verhandeling, vertaling (deel 1) en toelichting (deel 2) door Karel D’huyvetters, Uitgeverij Coriarius, 2018
  • Ian Buruma, Filosoof van de vrijheid, Atlas Contact, 2024
  • Jonathan Israël, Life & Legacy, Oxford University Press, 2023
  • Kees Schuyt, Spinoza en de vreugde van het inzicht, Balans, 2017
  • Tinneke Beeckman, Door Spinoza’s lens. Een oefening in levensfilosofie, Polis, 2012
  • Jonathan Israël, Radicale Verlichting. Hoe radicale Nederlandse denkers het gezicht van onze cultuur voorgoed veranderden, Uitgeverij Van Wijnen, 2005 (oorspronkelijke Engelstalige editie 2001)
Johan Braeckman

Johan Braeckman

auteur en maakt hoorcolleges

Geef een reactie

Lees ook

		WP_Hook Object
(
    [callbacks] => Array
        (
            [10] => Array
                (
                    [0000000000003c360000000000000000ywgc_custom_cart_product_image] => Array
                        (
                            [function] => Array
                                (
                                    [0] => YITH_YWGC_Cart_Checkout_Premium Object
                                        (
                                        )

                                    [1] => ywgc_custom_cart_product_image
                                )

                            [accepted_args] => 2
                        )

                    [spq_custom_data_cart_thumbnail] => Array
                        (
                            [function] => spq_custom_data_cart_thumbnail
                            [accepted_args] => 4
                        )

                )

        )

    [priorities:protected] => Array
        (
            [0] => 10
        )

    [iterations:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [current_priority:WP_Hook:private] => Array
        (
        )

    [nesting_level:WP_Hook:private] => 0
    [doing_action:WP_Hook:private] => 
)