Publicaties
Kijken naar Van Eyck met de bril van de kanunnik
0 Reacties
© Lukas - Art in Flanders vzw, foto: Dominique Provost
© Lukas - Art in Flanders vzw, foto: Dominique Provost © Lukas - Art in Flanders vzw, foto: Dominique Provost
Jan van Eyck
kunst

Kijken naar Van Eyck met de bril van de kanunnik

Het opgefriste Groeningemuseum nodigt ons uit om te onthaasten bij twee topwerken van Jan van Eyck: Madonna met kanunnik Joris van der Paele en Portret van Margareta van Eyck. De intieme tentoonstelling Van Eyck in Bruges was een paar weken gesloten vanwege het coronavirus, maar is nu weer te bezoeken.

Een museumbezoek kan overweldigend zijn. De ene zaal na de andere is gevuld met meesterwerken die we niet willen missen, maar waar we te kort bij blijven stilstaan om ze ten volle te kunnen appreciëren. We missen soms het referentiekader om historische werken te kunnen ‘lezen’. De vele andere bezoekers leiden ondertussen onze aandacht af. Kortom, de omstandigheden lenen zich niet altijd tot slow art.

Verdiepen

In dit Van Eyck-jaar biedt het Brugse Groeningemuseum ons de kans om ons te verdiepen in de twee panelen die het van de Bourgondische hofschilder bezit. De werken worden vanuit verschillende invalshoeken belicht en worden in een bredere context geplaatst. Gespreid over twee zalen komen zo het vijftiende-eeuwse Brugge, het atelier van Jan van Eyck en de figuur van Joris van der Paele aan bod. Er valt veel te lezen, er zijn filmpjes waarin experten nog meer uitleg geven, er is een interactieve touchscreen en vooral: je blik wordt telkens opnieuw naar de schilderijen getrokken.

De handen van Margareta

In de eerste zaal sta je oog in oog met Margareta van Eyck. Misschien wel voor het eerst in de Europese kunst heeft een schilder zijn echtgenote geportretteerd. Hoe levensecht en nabij Margareta ook lijkt, er is nog veel dat we niet weten over deze vrouw en haar portret. Zo vermoedt men dat het portret dat Jan van Eyck in 1439 van haar maakte niet bedoeld was om aan een muur te worden opgehangen. De achterkant is immers beschilderd met een rode marmerimitatie.

Materiaaltechnisch onderzoek laat toe om zicht te krijgen op de ondertekening en op de verschillen tussen deze eerste aanzet en het uiteindelijke portret. Zo waren aanvankelijk Margareta’s handen niet zichtbaar en is ook de manier waarop haar sluier valt aangepast.

Tot kort voor de opening van de Brugse tentoonstelling hing het portret van Margareta in het gezelschap van vele andere portretten van Van Eyck en tijdgenoten in het Gentse Museum voor Schone Kunsten, naar aanleiding van de expo Van Eyck. Een optische revolutie. In Brugge is het portret de enige blikvanger in de zaal en staat het op een sokkel, zodat je er omheen kan lopen en je je kan verbazen over de beschilderde achterkant. Het illustreert het verschil in opzet tussen beide tentoonstellingen: terwijl Van Eyck. Een optische revolutie een breed panorama laat zien, zoekt men het in Brugge in de beperking en de verdieping.

Scherven in het atelier

Wellicht was Margareta betrokken bij het atelier van haar man in Brugge. Na zijn dood in 1441 heeft ze het waarschijnlijk nog een tijd geleid, samen met diens broer Lambert. In de tentoonstelling wordt dat atelier op verschillende manieren opgeroepen. Stradanus’ prent ‘De ontdekking van de olieverf’ biedt een geïdealiseerd beeld, terwijl enkele scherven van wijnkruiken onze verbeelding op een heel andere manier aan het werk zetten. Die scherven zijn immers gebruikt om verf te mengen en zijn opgegraven in de straat waar Van Eyck woonde.

Het museum toont ook een recente aanwinst, een Maria met kind in een interieur, rond 1450 geschilderd door een anonieme medewerker of navolger van Jan van Eyck. Het werk sluit nauw aan bij bekende schilderijen van Van Eyck. Bovendien vertoont de ondertekening verwantschap met de stijl van de meester. Dat kan alleen betekenen dat de anonieme schilder dicht bij het atelier stond of samenwerkte met medewerkers van Jan van Eyck.

Een bruisende metropool

In het vijftiende-eeuwse Brugge vonden de rijke en internationale toplaag en hooggespecialiseerde ambachtslieden elkaar. Allerhande luxeproducten werden er verhandeld en geproduceerd. Deze rijkdom wordt subtiel – zelfs minimalistisch – geëvoceerd aan de hand van een verlucht handschrift, vier hoopjes amber in verschillende stadia van bewerking tot paternosterkralen, en een gesp van een koorkap die ooit prachtig geweest moet zijn.

Op het eerste gezicht komt het middeleeuwse Brugge beter uit de verf in het vorig jaar vernieuwde en nabijgelegen Gruuthusemuseum. Bijzonder is wel dat de objecten telkens in verband gebracht kunnen worden met Van Eyck. Het getijdenboek behoorde toe aan een kanunnik van Sint-Donaas. De koorkapgesp is opgegraven in de buurt van waar deze kerk zich bevond. Amber treffen we niet alleen aan in het bidsnoer op het portret van Giovanni Arnolfini en zijn vrouw, maar het werd ook als droogmiddel voor olieverf gebruikt.

Hoewel er van Jan van Eyck alleen panelen bewaard zijn gebleven, weten we dat hij als hofschilder van Filips de Goede op vele domeinen actief moet zijn geweest, zoals bij het maken van muurschilderingen of het ontwerpen van wandtapijten. In 1434 kreeg hij de opdracht om zes nu verdwenen beelden van het Brugse stadhuis te vergulden en te polychromeren.

Ter nagedachtenis van een gefortuneerde geestelijke

De tweede zaal is gewijd aan de Madonna met kanunnik Joris van der Paele (1434-1436). Samen met het Lam Gods is dit het grootste werk dat Jan van Eyck schilderde. Het realisme en de details zijn verbluffend: de weergave van stoffen, parels en edelstenen, het licht en de weerkaatsing ervan, de stralende kleuren, de onverzorgde nagels van de kanunnik of de pluisjes van het tapijt,… je kan niet anders dan in bewondering staan voor dit paneel. Het museum voorziet zelfs een zitbank, zodat je het in alle rust in je kan opnemen.

Joris van der Paele, afkomstig uit een Brugse makelaarsfamilie, maakte carrière aan het pauselijke hof in Rome. Na zijn terugkeer naar Brugge gaf hij, ondertussen al oud en ziek, Van Eyck de opdracht voor een memorieschilderij, bestemd voor een kapel in de nu verdwenen Sint-Donaaskerk. Hij bekostigde niet alleen het paneel, archiefdocumenten laten ook zien dat hij de middelen had om zijn graf geregeld met wijwater te laten besprenkelen en om eeuwige missen te financieren die moesten worden opgedragen voor zijn zielenheil.

Over de schouder van de schilder en kunsthistoricus

De Madonna met kanunnik Joris van der Paele is complex en gelaagd en je kan je dan ook verdiepen in de afzonderlijke figuren, de vele details en hun religieuze betekenis. Een mooi voorbeeld is de bril die de kanunnik vasthoudt. Onze aandacht wordt vooral getrokken door de schaduw die hij werpt op het gebedenboek en door de weergave van de letters door het glas. Dat Joris van der Paele de bril in zijn hand houdt, impliceert echter ook dat hij niet aan het lezen is, maar aan het mediteren.

Ook hier kan je over de schouder van de schilder meekijken en de ondertekening vergelijken met het definitieve schilderij of Van Eycks tekenstijl van nabij bekijken. Daarbij kijk je trouwens evenzeer mee met de kunsthistoricus en zijn collega’s uit andere disciplines, die het materiaaltechnische onderzoek mogelijk maken. Deze beelden kan je – naast de schilderijen zelf – ook bekijken op de prachtige website Closer to Van Eyck van het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK), maar de toelichting in de tentoonstelling vormt wel een aanzienlijke meerwaarde bij wat je ziet.

Kleur voor de vaste collectie

De tentoonstelling Van Eyck in Bruges mondt uit in de vaste collectie. De vroegere grijze wanden zijn vervangen door muren in rijke kleuren waartegen de werken goed tot hun recht komen: donkergroen voor de Vlaamse primitieven, een warm donkerrood voor hun opvolgers, bijna zwart voor de zeventiende eeuw, dieppaars voor het neoclassicisme, verrassend hemelsblauw voor het Vlaamse expressionisme en conventioneel wit voor de moderne kunst.

Regelmatige bezoekers zullen merken dat ook de chronologie omgedraaid is in het huidige parcours. Alle werken zijn daarbij zo opgehangen dat het middelpunt zich op een hoogte van 1m60 bevindt. Het bezoekerscomfort wordt verder vergroot door de plaatsing van nieuwe zitbanken en vooral door een nieuwe vloerbedekking, die een gunstig effect heeft op de akoestiek. Ideale omstandigheden om niet alleen aandachtig te kijken naar Van Eyck, maar ook naar ander werk uit de collectie van het Groeningemuseum.

Van Eyck in Bruges, Groeningemuseum, Brugge, nog tot 12 juli 2020

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be.