Publicaties
Ian Buruma ontvangt Gouden Ganzenveer voor ‘eigenzinnige kijk naar de wereld’
0 Reacties
© Merlijn Doomernik
© Merlijn Doomernik © Merlijn Doomernik
literatuur
maatschappij

Ian Buruma ontvangt Gouden Ganzenveer voor ‘eigenzinnige kijk naar de wereld’

De internationaal bekende schrijver en public intellectual Ian Buruma heeft vandaag de Gouden Ganzenveer ontvangen vanwege ‘zijn toewijding aan de publieke zaak van het geschreven woord’. Toen hij eerder dit jaar geïnterviewd werd in Brussel, noteerde hoofdredacteur Luc Devoldere zijn bevindingen. ‘Buruma voelt zich overal thuis, maar dan als een in- én outsider.’ Volgende maand geeft Buruma een lezing in Gent, ‘Grenzen aan de vrijheid’.

Essayist, historicus en Azië-deskundige Ian Buruma (Den Haag, 1951) heeft op 25 april de Gouden Ganzenveer ontvangen, een prijs voor een persoon of instituut met grote verdiensten voor het Nederlandse geschreven en gedrukte woord. De academie die de Gouden Ganzenveer uitreikt, prijst Buruma om zijn eigenzinnige kijk naar de wereld, waarover hij vanuit een oosters én westers perspectief op een zeer toegankelijke en ook verbindende wijze schrijft.

“Zijn toewijding aan de publieke zaak van het geschreven woord, zijn grote bijdrage – juist vanuit een Nederlandse achtergrond – aan het internationale debat over politiek, geschiedenis en vrijheid, in combinatie van een literaire pen met historisch inzicht dat op een groot verantwoordelijkheidsbesef is gestoeld, maken hem tot de Gouden Ganzenveerlaureaat 2019”, klinkt het.

In 2010 was Buruma al opgenomen in een lijst van de honderd belangrijkste global thinkers door het magazine Foreign Policy. In 2008 ontving Buruma de Erasmusprijs voor zijn buitengewone bijdrage aan de Nederlandse cultuur.

Ons Erfdeel-lezing

Tot september van vorig jaar was Buruma hoofdredacteur van het toonaangevende tijdschrift The New York Review of Books. Die positie moest hij opgeven na een conflict met uitgever en redactie. Momenteel is hij hoogleraar Democracy, Human Rights and Journalism aan Bard College in New York.

Buruma schrijft regelmatig voor The New Yorker, The New York Review of Books en NRC Handelsblad, en werkte mee aan documentaires voor de BBC en CNN.

In 2004 hield hij de tweede Ons Erfdeel-lezing, ‘Toen wist ik niets over de holocaust. Opgroeien in Nederland’, die later ook in het blad werd gepubliceerd. Je kunt die tekst hier lezen.

Tot zijn bekendste boeken horen Occidentalisme, De spiegel van de zonnegodin, Dood van een gezonde roker, Het loon van de schuld en 1945. Biografie van een jaar en Hun beloofde land. Mijn grootouders in tijden van liefde en oorlog. In 2018 verscheen Tokio mon amour. Japanse avonturen.

Klasseverschil, generatieconflict

In januari van dit jaar was Buruma te gast in Brussel, op uitnodiging van Bozar en deBuren, waar hij door Brigitte Herremans werd geïnterviewd in het Engels, de taal waarin hij schrijft.

Ongeveer in het midden van het gesprek in Bozar bekent Ian Buruma en passant dat hij zijn geboorteland, Nederland, pas intellectueel interessant is gaan vinden toen hij werkte aan zijn boek over de moord op Theo van Gogh. Toen kreeg hij ook ruzie met Ayaan Hirsi Ali, alhoewel hij sympathie voor haar had. Maar hij had kritiek op haar totale onbegrip voor de gewone vrouwen van Marokkaanse en Turkse origine, die niet zomaar hun geloof konden inruilen voor een militant atheïsme, zoals zij deed. Hirsi Ali komt, als immigrante in Nederland, uit de hogere Somalische klasse en heeft geen enkel begrip voor die vrouwen die vaak alleen nog in hun geloof een ankerpunt vinden, beweert Buruma. Het is volgens hem een probleem van klasseverschil.

Buruma vindt dat een blad zijn lezers een onbehaaglijk gevoel mag en moet geven

Net zoals het in de #MeToo-problematiek vooral gaat om een generatieconflict: op de redactievloer van The New York Review of Books liep de breuklijn niet tussen mannen en vrouwen, maar tussen oudere (boven de veertig) en jongere (onder de dertig) redacteuren. Die jongeren vonden dat een blad zijn lezers niet mag grieven en ergeren. Terwijl Buruma juist vond dat een blad zijn lezers een onbehaaglijk gevoel mag en moet geven.

Buruma vond dan ook dat de stemmen van de daders te weinig aan bod kwamen in het #MeToo-debat. Zij worden vaak niet door een rechtbank gestraft, maar wel voor altijd door sociale media en de publieke opinie, waardoor ze een soort non-person worden. Toen Buruma een van die daders een forum gaf, brak een storm van protest los. Een panikerende uitgever en de angst voor het terugvallen van advertentie-inkomsten duwden Buruma uiteindelijk naar de uitgang van het prestigieuze blad.

De weigering uitgedaagd te worden

Overigens kwam dit onderwerp pas in de vragenronde achteraf aan bod. Buruma sprak in de marge daarvan over een groeiende vorm van politieke correctheid aan universitaire campussen in de VS die minderheden op zo’n manier in verdediging wil nemen dat ze het gesprek en de discussie over hun zeden en gebruiken bij voorbaat afsluit. Aan een New Yorkse universiteit hebben studenten aan hun professor overigens gezegd dat ze weigerden Freud te lezen, “because he is patriarchal”.

Deze weigering uitgedaagd te worden – geërgerd door het andere, het vreemde perspectief – en het zich terugtrekken in safe spaces (letterlijk en figuurlijk) maken hem bezorgd, vooral omdat instellingen volgens hem per definitie laf zijn. Een term als melting pot is zelfs problematisch geworden, zegt hij, omdat hij het bestaan van afzonderlijke culturen zou ontkennen en zo de rechten van minderheden opnieuw zou beschadigen.

Pornomeesterwerk

De interviewster Brigitte Herremans was eerst lang blijven stilstaan bij Buruma’s laatste boek, Tokio mon amour (A Tokyo Romance, 2018), over de bijna zeven jaar die hij als twintiger in Japan in de jaren 1970 had doorgebracht. Na een studie sinologie in Leiden – waar zijn hoogleraren hun aversie voor de Belgische sinoloog Simon Leys, die blasfemeerde in de linkse kerk van de westerse sinologie niet verborgen – ging hij in Japan film studeren. Die interesse kreeg hij van thuis mee. De broer van zijn moeder was de Brits-joodse cineast John Schlesinger (Midnight Cowboy).

Buruma dook onder in de koortsachtige culturele scène van avant-gardetheater. Ontmoette Akira Kurosawa, modefotografen. Acteerde en danste. Zocht en vond la nostalgie de la boue en beleefde zijn bildungsjaren. Tokyo vormde hem en deed hem culturele, artistieke en seksuele grenzen oversteken. Hij vertelde er in Bozar met humor en zelfrelativering over. Japan was veel meer en iets helemaal anders dan de beleefdste en meest gedeprimeerde natie ter wereld die ze voor velen is.

Naar Japanse normen was hij ‘droog’, zeg maar ingehouden, zei hij, en niet ‘nat’, en daardoor juist aangetrokken door dat extraverte, theatrale. De film Het rijk der zinnen (of L’empire des sens) van Nagisa Oshima uit 1976 noemde hij een zeldzaam en uniek pornomeesterwerk.

Een koffer onder het bed

Deze jongeman was blij weg te zijn uit Den Haag met zijn tennisvelden en golfclubs. Hij zou in de jaren 1980 het Verre Oosten blijven bereizen en er als journalist over berichten, woonde in Hongkong en Londen. Buruma voelt zich overal thuis, maar dan als een in- én outsider. Met een Nederlandse vader en een moeder die afstamde van naar Engeland geëmigreerde Duitse joden, weet hij alles van een rol spelen, beweert hij. Joden leven altijd met een koffer onder het bed.

Maar naar Nieuw-Zeeland ziet deze stadsmens zich niet verhuizen. Hij zou in Brussel kunnen wonen (een veel meer kosmopolitische stad dan het al bij al monoculturele Tokio, zegt hij), woonde heel graag in Londen. En woont nu in New York. New Yorkers denken vaak dat ze de wereld kennen omdat ze alle volkeren van de wereld in hun stad hebben, maar niets is minder waar. Zo meanderde dit gesprek, dat gerust nog langer had kunnen duren, verder.

Met een Nederlandse vader en een moeder die afstamde van naar Engeland geëmigreerde Duitse joden, weet Buruma alles van een rol spelen

Moet een intellectueel verantwoordelijkheid opnemen, vroeg Herremans. Ja, maar waarvoor, riposteerde Buruma. Intellectuelen moeten vooral hun impact niet overschatten. Weinig mensen lezen, en nog minder mensen lezen hun boeken. Dat betekent niet dat je niet moet voortdoen. Uiteindelijk had hij het over de matigende rol van de intellectueel in het openbare debat, het leveren van de nuance. De intellectueel kan en zal de wereld niet redden, maar hij kan proberen zijn eigen eer te redden.

Buruma werkt nu aan een boek over de opgang en val van de Anglo-Amerikaanse wereldmacht. Het begint met een ontmoeting tussen Roosevelt en Churchill in 1941 en eindigt met Trump en Brexit. Voor de Europeaan en anglofiel die Buruma is – hij schreef een mooi boek over zijn Brits-joodse grootouders die Britser dan de Britten waren – is Brexit overigens erger dan Trump. In zijn ogen heeft Europa de balans tussen de drie grote natiestaten – Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk – nodig, en wil Duitsland de leidende rol niet op zich nemen.

Dat belooft.

Op 17 mei houdt Ian Buruma een lezing in Gent, getiteld ‘Grenzen aan de vrijheid’. Tickets voor die avond zijn hier te koop. De lezing past in het reeks evenementen ter gelegenheid van vijftig jaar boekhandel Walry.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische betaling. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be