Betje Wolff, Aagje Deken, Petronella Moens en Belle van Zuylen waren in de achttiende eeuw beroemde schrijfsters. Eén ding deelden ze met elkaar: vrouwenvriendschappen waren onmisbaar in hun leven en werk.
In het achttiende-eeuwse Nederland keek amper iemand om naar arbeiders en ambachtslui, de kloof met de hogere klasse was groot. Tot rijke burgers zich verenigden in genootschappen, met als doel kennis en geluk te brengen naar de ‘gewone man’. Eén organisatie is nog altijd actief: de Maatschappi
Nederlanders hadden geen benul van cultuur en daar moest verandering in komen, vonden de eerste culturele ondernemers van het land. Onder invloed van de nieuwe Verlichtingsidealen richtten ze in de achttiende eeuw talloze culturele en wetenschappelijke genootschappen op. Willem Writs, uitvinder en s